Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat het niet aan de belastingrechter is om een oordeel te geven over de wijze waarop het waterschap invulling geeft aan haar taak.

Belanghebbende, X, ontvangt met dagtekening 30 juni 2019 een aanslag watersysteemheffing gebouwd van het Waterschap de Dommel. In geschil is of de aanslag correct is opgelegd. X stelt dat hij geen genot heeft van de werkzaamheden van het waterschap. Rechtbank Oost-Brabant oordeelt dat de aanslag in overeenstemming met de Waterschapswet en de verordening is opgelegd. Dat X ontevreden is over de kwaliteit van de door het waterschap geleverde werkzaamheden leidt niet tot het oordeel dat de aanslag ten onrechte is opgelegd.

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat het niet aan de belastingrechter is om een oordeel te geven over de wijze waarop het waterschap invulling geeft aan haar taak. De belastingrechter mag zich alleen uitspreken over de aanslag en daarover zijn partijen het eens dat die terecht is opgelegd. De werkzaamheden van het waterschap waar X het niet mee eens is, zoals het aanbrengen van meanders, zijn geen besluiten in de zin van de Awb, laat staan aanslagen of voor bezwaar vatbare beschikkingen waartegen beroep kan worden ingesteld bij de belastingrechter. Het hoger beroep is ongegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Waterschapswet 117

Algemene wet inzake rijksbelastingen 26

Algemene wet bestuursrecht 8:1

Algemene wet bestuursrecht 7:1

Algemene wet bestuursrecht 1:3

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Belastingen van lagere overheden, Fiscaal bestuurs(proces)recht

Instantie: Hof 's-Hertogenbosch

Editie: 18 april

13

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen