Hof Amsterdam oordeelt dat X geen recht heeft op aftrek van de kosten van de gehoorapparaten. Hij maakt niet aannemelijk dat de kosten op hem drukken. Hierbij is met name van belang dat een betalingsbewijs ontbreekt.

X claimt in zijn IB-aangifte aftrek van scholingsuitgaven en specifieke zorgkosten. De aanslag wordt conform de aangifte opgelegd. Naar aanleiding van een onderzoek bij de gemachtigde van X, vraagt de inspecteur informatie op over de aftrekposten. De inspecteur legt vervolgens een IB-navorderingsaanslag op waarbij de aftrek van de scholingsuitgaven en de specifieke zorgkosten wordt teruggenomen. Uiteindelijk is in geschil of X recht heeft op aftrek van specifieke zorgkosten in verband met aangeschafte hoorapparaten. X beroept zich daarbij op een factuur met daarop een nog te betalen bedrag van € 3300. Hij verklaart dat hij de gehoorapparaten heeft aangeschaft, contant heeft betaald, maar dat een betalingsbewijs ontbreekt in verband met het faillissement van de leverancier.

Hof Amsterdam oordeelt dat X geen recht heeft op aftrek van de kosten van de gehoorapparaten. Hij maakt niet aannemelijk dat de kosten op hem drukken. Hierbij is met name van belang dat er geen betalingsbewijs is, waardoor niet aannemelijk is geworden dat X daadwerkelijk voor de gehoorapparaten heeft betaald. De verklaring van zijn vader, dat hij hem € 3000 heeft geleend, maakt dit volgens het hof niet anders, omdat hiermee ook geen bewijs van betaling is geleverd. Ook het ontbreken van een betalingsbewijs door faillissement van de leverancier baat X niet. Dat hij geen betalingsbewijs heeft bewaard dan wel hier niet om heeft gevraagd bij de door hem gestelde contante betaling van de gehoorapparaten, komt voor zijn rekening en risico. Het gelijk is aan de inspecteur.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet inkomstenbelasting 2001 6.17

Instantie: Hof Amsterdam

Rubriek: Inkomstenbelasting

Editie: 21 mei

Informatiesoort: VN Vandaag

  1061
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen