Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de door X en zijn partner betaalde box 3-belasting ruim minder bedraagt dan het werkelijk behaalde rendement. Er moet namelijk rekening worden gehouden met de verkoop van de tweede woning in 2019 en het daarbij behaalde rendement van € 38.000.

X is over zijn box 3-vermogen in 2019 € 2164 aan belasting verschuldigd en zijn partner over het aan haar toegerekende deel € 2883. Naar aanleiding van Besluit rechtsherstel Box 3 worden deze bedragen verminderd naar € 1783 en € 2257. X is het hier niet mee eens, omdat de belastingheffing naar zijn mening naar het werkelijk rendement moet plaatsvinden.

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de door X en zijn partner betaalde box 3-belasting ruim minder bedraagt dan het werkelijk behaalde rendement. Er moet namelijk rekening worden gehouden met de verkoop van de tweede woning in 2019 en het daarbij behaalde rendement van € 38.000. De rechtbank gaat daarbij uit van de WOZ-waarde en de verkoopprijs. Voor verder rechtsherstel is geen aanleiding. De rechtbank verwerpt daarbij de stelling van X dat rekening moet worden gehouden met het totale rendement over de periode van de aanschaf van de woning (2006) tot de uiteindelijke verkoop in 2019. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Lees ook de dossierpagina Rechtsherstel (Box3).

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet inkomstenbelasting 2001 5.2

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Inkomstenbelasting

Dossiers: Box 3

Instantie: Rechtbank Noord-Holland

Editie: 20 maart

22

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen