De richtlijn laat enkele keuzemogelijkheden aan de lidstaten bij de implementatie van de richtlijn. Het kabinet kiest ervoor de procedure van vermindering aan de bron alleen te implementeren voor openbaar verhandelde aandelen. De bestaande teruggaafprocedures voor de vermindering van te veel ingehouden dividendbelasting blijven gehandhaafd. Daarnaast wordt de digitale woonplaatsverklaring, overeenkomstig de bestaande praktijk, per kalenderjaar afgegeven. Ook wil het kabinet aanvullende informatie opnemen op de woonplaatsverklaring.
De richtlijn vereist rapportage van gecertificeerde financieel intermediairs. Naast het verstrekken van gegevens ten aanzien van hun activiteiten, wil het kabinet dat gecertificeerde financieel intermediairs ook gegevens verstrekken ten aanzien van andere financieel intermediairs in de betalingsketen.
Het kabinet kiest vier uitsluitingsgronden voor toegang van de gecertificeerde financieel intermediairs tot de procedure voor de vermindering aan de bron van dividendbelasting:
-
het dividend wordt uitgekeerd op een openbaar verhandeld aandeel dat de geregistreerde eigenaar binnen vijf dagen vóór de ex-dividenddatum heeft verworven;
-
de dividenduitkering is gekoppeld aan een financiële regeling, zoals derivaten, die niet vóór de ex-dividenddatum is beëindigd;
-
er wordt aanspraak gemaakt op vrijstelling van de dividendbelasting;
-
er wordt aanspraak gemaakt op een verlaagd bronbelastingtarief dat niet voortvloeit uit belastingverdragen.
[Nieuwsbron] [Nieuwsbron] [Nieuwsbron]
Rubriek: Europees belastingrecht, Dividendbelasting, Bronbelasting
Regelgevende instantie: Ministerie van Financiën
Editie: 20 oktober
Informatiesoort: VN Vandaag