Staatssecretaris Van Huffelen van Financiën heeft het wetsvoorstel Verbetering uitvoerbaarheid van toeslagen bij de Tweede Kamer ingediend.

Veel mensen zijn de afgelopen jaren onevenredig benadeeld door de harde vormgeving van het huidige toeslagenstelsel. Het kabinet heeft gesteund door de Tweede Kamer een hervorming aangekondigd van het toeslagenstelsel. Het onderhavige wetsvoorstel voorziet in maatregelen voor de korte termijn. Met het wetsvoorstel is de Belastingdienst/ Toeslagen beter in staat maatwerk te bieden en de praktische rechtsbescherming te vergroten.

De datum van inwerkingtreding is 1 januari 2021, tenzij anders aangegeven.

De volgende maatregelen worden voorgesteld:

  • Proportioneel vaststellen van kinderopvangtoeslag
    Aan het proportioneel vaststellen van kinderopvangtoeslag wordt al uitvoering gegeven na inwerkingtreding van het Verzamelbesluit Toeslagen van 20 december 2019 (V-N 2020/20.19).
  • Matigen van een terugvordering en rente berekening bij terugvordering
    Met het matigen van een terugvordering bij een bijzondere omstandigheid wordt een discretionaire bevoegdheid gegeven aan de Belastingdienst/ Toeslagen om een lager bedrag terug te vorderen. De toets of de nadelige gevolgen van een volledige terugvordering mogelijk onevenredig zijn, vindt plaats bij het vaststellen van de beschikking tot terugvordering. Van een bijzondere omstandigheid is bijvoorbeeld sprake als een derde zonder medeweten en betrokkenheid van de belanghebbende heeft gefraudeerd. Dit leidt op zichzelf niet tot matiging van de terugvordering. In een beleidsbesluit wordt dit nader uitgewerkt.
    Overigens heeft de matiging van het terug te vorderen bedrag geen invloed op de omvang van de reeds bestaande aansprakelijkheid van de derde. De derde profiteert dus niet van de matiging van het terug te vorderen bedrag.
  • Doelmatigheidsgrens
    De doelmatigheidsgrens, waardoor toeslagen tot een bedrag van het drempelbedrag niet meer worden teruggevorderd, is gekoppeld aan de doelmatigheidsgrens in de Wet IB 2001, waardoor het bedrag ook jaarlijks wordt aangepast in het kader van de inflatiecorrectie.
  • Het naar voren brengen van een zienswijze door belanghebbende
    De mogelijkheden voor het inbrengen van een zienswijze door een belanghebbende voorafgaand aan het afgeven van een vast te stellen beschikking worden verruimd. Een belanghebbende krijgt in ieder geval een termijn van ten minste vier weken om zijn zienswijze naar voren te brengen met betrekking tot de vast te stellen beschikking. Hier gelden een drietal uitzonderingen op, te weten een beschikking wordt herzien op basis van door belanghebbende of zijn gemachtigde verstrekte gegevens, wanneer volledig aan een verzoek tot herziening van een belanghebbende of zijn gemachtigde tegemoet wordt gekomen of wanneer inkomensgegevens beschikbaar zijn gekomen uit een aangifte inkomstenbelasting die belanghebbende zelf heeft ingediend.
  • Aanvullende waarborgen ter verbetering van de rechtspositie bij informatieverplichtingen
    Wanneer een belanghebbende diens inlichtingenplicht niet nakomt zullen meerdere stappen nodig zijn voordat een toeslag wordt stopgezet of een boete wordt opgelegd.
  • Verplichting tot informatieverstrekking voor derden
    De verplichting tot informatieverstrekking door derden geldt voor verhuurders en administratieplichtigen, zoals kinderopvangcentra, gastouderbureaus, verzekeraars en banken. Door het wetsvoorstel zijn alle kinderopvangorganisaties vanaf 1 januari 2021 verplicht om relevante gegevens maandelijks aan de Belastingdienst/ Toeslagen aan te leveren. Ook is het streven dat de Belastingdienst/ Toeslagen vier keer per jaar de bekende actuele inkomensgegevens vergelijkt met de gegevens die de belanghebbende in zijn aanvraag heeft opgegeven.
  • Motivering bij vergrijpboete
    Bij een vergrijpboete van meer dan € 340 wordt het verplicht om een uitgebreide motivering op te nemen in een boeterapport. Tevens wordt de belanghebbende in de gelegenheid gesteld om zijn zienswijze naar voren te brengen.
  • Kwijtschelding
    Voor de kwijtschelding van toeslagschulden wordt een wettelijke grondslag voorgesteld. Het inrichten van een proces voor kwijtschelden van toeslagschulden brengt momenteel echter te grote complexiteitsgevolgen met zich mee en te grote risico’s op procesverstoring. Daarom zal de voorgestelde kwijtscheldingsmogelijkheid bij een koninklijk besluit op een nader te bepalen tijdstip in werking treden.
  • Partnerschap met terugwerkende krachtEen partnerschap wordt niet langer met terugwerkende kracht naar het begin van het kalenderjaar in aanmerking genomen. Het partnerschap ontstaat pas per de eerste van de maand volgend op de gebeurtenis waardoor het partnerschap tot stand komt. De samenhang met het partnerschap voor de inkomstenbelasting wordt hiermee doorbroken.
  • Onverzekerdheid partner
    Bij onverzekerdheid van de partner krijgt de toeslagpartner die wel verzekerd is, door dit wetsvoorstel recht op 50% van de tweepersoonstoeslag. De eis van verzekerdheid van de partner vervalt hiermee.
  • Overig
    • Met dit wetsvoorstel wordt de rechtsbescherming van burgers die zich beroepen op een uitzondering op het partnerbegrip onder de Wet IB 2001 uitgebreid. Met de toevoeging van het voorgestelde tiende lid aan art. 1.2 Wet IB 2001 kan de inspecteur worden verzocht om bij een voor bezwaar vatbare beschikking te beslissen of de uitzondering op het partnerbegrip van toepassing is. Een belastingplichtige kan hiermee al in het lopende belastingjaar zekerheid krijgen of sprake is van fiscaal partnerschap, zodat de voorlopige aanslag hierop afgestemd kan worden.
    • Ten aanzien van de huurtoeslag is een aanvulling opgenomen dat, indien beide partners van dezelfde derde huren, ook een beroep op de uitzondering wegens zakelijke (onder)huur kan worden gedaan.
    • Ten aanzien van het toeslagpartnerschap met een partner die voor langere tijd is gedetineerd, wordt met dit wetsvoorstel nog geen oplossing geboden. Het kabinet is voornemens om dit op te lossen met een later nog in te dienen nota van wijziging op dit wetsvoorstel.
    • De evaluatie van de Wet verbetering uitvoerbaarheid toeslagen wordt meegenomen in de vijfjaarlijkse evaluatie van de Awir, waarvan de eerstkomende staat gepland in 2022.
    • Voor de informatieverzoeken die zijn of worden opgelegd met betrekking tot de berekeningsjaren die voor 1 januari 2021 aanvangen geldt overgangsrecht. Op deze verzoeken blijft de huidige regelgeving van toepassing.
    • Om rechtsbescherming te bieden aan derden die verplicht worden om informatie aan de Belastingdienst te verstrekken, kunnen deze partijen aanspraak maken op een vergoeding van de gemaakte kosten als zij aannemelijk maken dat er sprake is van een onrechtmatig opgelegde verplichting.

------------

Wetsvoorstel

Memorie van toelichting

Nader rapport

Informatiesoort: VN Vandaag

Dossiers: Prinsjesdag 2020

Editie: 16 september

Uitsluiting Nieuwsbrief: Uitsluiting Nieuwsbrief

Regelgevende instantie: Ministerie van Financiën

Rubriek: Toeslagen en zorgverzekeringswet

  291
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen