Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de inspecteur niet alle op de zaak betrekking hebbende stukken heeft overgelegd, zodat hij wordt veroordeeld tot betaling aan de Groep van € 10.000, bovenop de reguliere proceskostenveroordeling.

X is een naar Maltees recht opgerichte Limited, die vanaf 2004 met een aantal gelieerde vennootschappen (hierna: de Groep) twee internetcasino’s exploiteert. Haar (indirecte) aandeelhouders zijn aanvankelijk vier natuurlijke personen. In 2014 worden de aandelen in X verkocht aan een naar Zweeds recht opgerichte vennootschap. In 2016 start de inspecteur een onderzoek naar de mogelijke Nederlandse VPB-plicht van X. Hij verzoekt om overlegging van de volledige administratie van de Groep en geeft later informatiebeschikkingen af. Op de zitting merkt de inspecteur op dat hij niet weet of er nog op de zaak betrekking hebbende stukken zijn die hij over zou moeten leggen, dat de door de Groep genoemde stukken inderdaad niet zijn overgelegd, maar dat de stukken die zien op derdenonderzoeken geen op de zaak betrekking hebbende stukken zijn.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de inspecteur niet alle op de zaak betrekking hebbende stukken heeft overgelegd, zodat hij wordt veroordeeld tot betaling aan de Groep van € 10.000, bovenop de reguliere proceskostenveroordeling. In tegenstelling tot wat in de verweerschriften wordt opgemerkt, zijn de betreffende stukken niet met een beroep op geheimhouding toegezonden aan de geheimhoudingskamer van de rechtbank. Zolang niet vaststaat dat X in Nederland VPB-plichtig is, hoeft zij niet aan de verplichtingen van art. 52 AWR (administratieplicht) te voldoen. In zoverre wordt de informatiebeschikking vernietigd. Voor zover de beschikking is gegeven op grond van art. 47 AWR (informatieverplichting), blijft deze in stand, maar blijft de sanctie van omkering en verzwaring van de bewijslast achterwege. Het beroep van X is gegrond.

Lees ook het thema Op de zaak betrekking hebbende stukken.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Algemene wet bestuursrecht 8:42

Algemene wet inzake rijksbelastingen 47

Algemene wet inzake rijksbelastingen 52

Algemene wet inzake rijksbelastingen 52a

Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht

Editie: 29 februari

Informatiesoort: VN Vandaag

753

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen