Rechtbank Gelderland oordeelt dat de gemachtigde van de heer X vanwege zijn ongepaste, onfatsoenlijke en respectloze manier van optreden een waarschuwing krijgt. Op grond van art. 8:25 Awb kan de rechter bijstand of vertegenwoordiging weigeren door een persoon tegen wie ernstige bezwaren bestaan.

De heer X doet in juli 2017 BPM-aangifte voor een Mercedes-Benz. Volgens de koerslijst van btw-auto's is de verschuldigde BPM € 8741. Pas in de beroepsfase stelt X dat de verschuldigde BPM moet worden berekend aan de hand van de koerslijst voor marge-auto’s. In de pleitnota stelt de gemachtigde van X onder meer dat “Nederland natuurlijk een enorm gajesland is” en “niks anders is dan een enorme narcostaat”. De rechtbank zou het daarnaast “niet zo nauw te nemen met de gerechtvaardigde belangen van belastingplichtigen” en de focus van de inspecteur zou louter liggen bij "beduvelen en oplichten”.

Rechtbank Gelderland oordeelt dat de gemachtigde van X vanwege zijn ongepaste, onfatsoenlijke en respectloze manier van optreden een waarschuwing krijgt. Op grond van art. 8:25 Awb kan de rechter bijstand of vertegenwoordiging weigeren door een persoon tegen wie ernstige bezwaren bestaan. Vanwege het alsnog toepassen van de koerslijst voor marge-auto's volgt wel alsnog een teruggaaf van € 692. Bij het doen van de aangifte had X de handelsinkoopwaarde al kunnen bepalen aan de hand van deze koerslijst (zie HR 27 januari 2017, 15/02273, V-N 2017/7.22). Er is daarom geen reden om de werkelijke proceskosten aan X te vergoeden.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Algemene wet bestuursrecht 8:75

Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 10

Algemene wet bestuursrecht 8:25

Instantie: Rechtbank Gelderland

Editie: 17 juni

Rubriek: Belastingheffing van motorrijtuigen, Fiscaal bestuurs(proces)recht

Informatiesoort: VN Vandaag

  369
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen