Bezwaar tegen privégebruik auto voor de btw over 2016
20 december 2016
Ondernemers die al bezwaar hebben gemaakt tegen aangegeven privégebruik auto voor de btw over 2011, 2012, 2013, 2014 of 2015, hoeven dit voor 2016 niet opnieuw te doen.
De Belastingdienst neemt het bezwaar dan ook voor 2016 in behandeling. De Belastingdienst heeft tot deze werkwijze besloten na overleg met de koepelorganisaties van belastingadviseurs. Lees ook het bericht Proefprocedures btw privégebruik auto nagenoeg gelopen race.
De Belgische fiscus, de FOD Financiën, heeft ongeveer 190.000 foutieve aanmaningen voor btw verstuurd naar ondernemingen die hun btw al hadden betaald. Dat meldden diverse Vlaamse media. De onterechte aanmaningen hebben de voorbije dagen tot veel onrust geleid bij Belgische ondernemers en hun boekhouders.
Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat de inspecteur het bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard. X BV heeft namelijk niet tijdig bezwaar gemaakt. Het hof acht daarbij van belang dat de inspecteur twee keer telefonisch heeft geïnformeerd naar de omvang van het bezwaar.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat pensioenuitvoerder X terecht BTW op aangifte heeft voldaan. X voldoet niet aan de voorwaarden om als een ter collectieve belegging bijeengebracht vermogen te worden aangemerkt, omdat de deelnemers niet het beleggingsrisico dragen.
Een zelfstandig werkende doktersassistente kan voor haar medische werkzaamheden in aanmerking komen voor de vrijstelling van omzetbelasting voor gezondheidskundige verzorging. Dat blijkt uit een standpunt van de Kennisgroep omzetbelasting.
A-G Ettema concludeert dat het algemeen vermoeden dat Nederland heeft neergelegd in art. 11 lid 8 Wet OB 1968 en art. 9a Uitv. besch. OB 1968 in strijd is met het EU-recht.
Op 5 augustus stuurt de Belastingdienst sms'jes naar ondernemers die nog geen btw-aangifte hebben gedaan over het 2e kwartaal van 2026 of juni 2026. Daarin adviseert de dienst om uiterlijk 7 augustus 2026 alsnog btw-aangifte te doen over deze tijdvakken.
Voor de kwalificatie als bouwterrein is het niet noodzakelijk dat het omgevingsplan reeds op het moment van levering bebouwing toestaat. Dat staat in een standpunt van de Kennisgroep omzetbelasting.
De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen verduidelijkt dat een Schots co-invest fonds en een carried interest fonds, die deel uitmaken van een grotere investeringsgroepsstructuur, kunnen worden aangemerkt als een beleggingsfonds in de zin van art. 1:1 Wft. Als ook aan de overige wettelijke voorwaarden wordt voldaan, kunnen deze fondsen daardoor kwalificeren als fonds voor gemene rekening (FGR) voor de toepassing van art. 2 lid 4 Wet VPB 1969.
De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen stelt dat een naar Barbadiaans recht opgerichte Limited Company voor Nederlandse fiscale doeleinden vergelijkbaar is met een Nederlandse NV of BV.
De vraag of een naar het recht van Spanje aangegaan Fondo de Capital Riesgo (hierna: FCR) vergelijkbaar is met een FGR of een transparant fonds is afhankelijk van de relevante feiten en omstandigheden van het geval. De beoordeling hiervan is voorbehouden aan de inspecteur.