Rechtbank Zeeland-West-Brabant beslist dat de inspecteur terecht, in het kader van het Rekeningenproject, een informatiebeschikking heeft afgegeven aan de erven van een vermeende zwartspaarder.

In het kader van het Rekeningenproject verzoekt de inspecteur belanghebbenden, de erven X, om informatie te verstrekken betreffende de door erflater aangehouden bankrekening bij de KBL. De erven X ontkennen dat erflater rekeninghouder is geweest van een rekening bij KBL. De inspecteur geeft vervolgens in oktober 2013 de in geschil zijnde informatiebeschikking af waarin is vastgesteld dat de erven X ten behoeve van de belastingheffing voor het jaar 2008 van erflater niet aan hun informatieverplichting van artikel 47 en 49 van de AWR hebben voldaan. X gaat in beroep.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant vindt het aannemelijk dat de erflater en zijn echtgenote rechthebbenden waren van de rekening bij KBL omdat de achternamencombinatie op de afdrukken van de microfiches zo specifiek is. Gelet op de omvang van het saldo op de microfiches, is de rechtbank van mening dat de gevraagde informatie ten aanzien van het verloop van de rekening van belang kan zijn voor de belastingheffing voor het jaar waarvoor de informatiebeschikking is gegeven. De inspecteur heeft de informatiebeschikking terecht gegeven. Het beroep is ongegrond.

Lees ook het thema De informatieverplichting.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Algemene wet inzake rijksbelastingen 47

Algemene wet inzake rijksbelastingen 49

Algemene wet inzake rijksbelastingen 52a

Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht

Informatiesoort: VN Vandaag

  12
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen