Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat de zoon schenkingsrecht is verschuldigd ter zake van de schenkingen van de SPF. Vader kon namelijk beschikken over het in de SPF aanwezige vermogen als ware het zijn eigen vermogen. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie zonder nadere motivering ongegrond (art. 81 lid 1 Wet RO).

Een vader geeft in 2001 opdracht tot oprichting van een Stichting Particulier Fonds (SPF). De SPF doet in 2007-2009 schenkingen ter grootte van € 32.000, € 54.020 en € 442.677 aan de zoon. Hierbij wordt in Nederland geen schenkingsrecht afgedragen. In 2017 legt de inspecteur aanslagen schenkingsrecht op aan de zoon. De zoon is het hiermee niet eens.

Hof ’s-Hertogenbosch (V-N 2023/28.1.3) oordeelt dat schenkingsrecht is verschuldigd ter zake van de schenkingen van de SPF. Vader kon namelijk beschikken over het in de SPF aanwezige vermogen als ware het zijn eigen vermogen. Nu het vermogen van de SPF feitelijk het vermogen van vader niet heeft verlaten, moeten de schenkingen uit het vermogen van de SPF aan de zoon worden aangemerkt als schenkingen van vader aan zoon. De aanslagen blijven in stand. Het hof verwerpt daarbij ook de formele grieven van de zoon over het overleggen van alle op de zaak betrekking hebbende stukken en schending van het motiveringsbeginsel en het beginsel van fair play. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie zonder nadere motivering ongegrond (art. 81 lid 1 Wet RO).

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Successiewet 1956 1

Instantie: Hoge Raad

Rubriek: Schenk- en erfbelasting

Editie: 29 november

Informatiesoort: VN Vandaag

411

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen