Het Gerecht oordeelt dat de omstandigheden waaronder de aardolieproducten via de tussenhandelaren aan de uiteindelijk afnemers zijn geleverd niet betekenen dat de levering door AS Trading 4 aan de tussenhandelaren in Letland is vrijgesteld van BTW.
Het Hof van Justitie oordeelt dat de reisbureauregeling van toepassing is op de Kaffeefahrten die P GmbH uitvoert. Daarbij is niet van belang dat de voor de vervoersdiensten ontvangen vergoeding niet alle kosten van deze diensten dekt.
Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat X BV niet de vereiste aangifte heeft gedaan door een bij inbreng reeds waardeloze vordering af te waarderen, waardoor omkering en verzwaring van de bewijslast geldt. De gecorrigeerde afwaarderingen op de drie leningen blijven in stand.
In antwoord op Kamervragen van PRO en SP over mogelijke overwinsten in de fossiele energiesector als gevolg van de onrust in het Midden-Oosten stelt het kabinet dat met name de marges in de raffinagesector sterk zijn gestegen. Ondanks de aanwijzingen voor hogere winstgevendheid kiest het kabinet vooralsnog niet voor een nationale overwinstbelasting en zet het in op een Europese aanpak.
Nederland zet in op een lagere EU-begroting dan door de Europese Commissie is voorgesteld in het Meerjarig Financieel Kader (MFK) 2028-2034. Dit stellen de Ministers van Financiën en Buitenlandse Zaken in antwoorden op Kamervragen van het lid Markuszower (Groep Markuszower).
De minimumwinstbelasting, die een aantal jaar geleden is ingevoerd middels de Wet Minimumbelasting 2024, heeft (zeker) € 590 miljoen opgeleverd over de afgelopen 2 jaar. Dat maakt het Financieele Dagblad bekend naar aanleiding van een door haar gedane analyse.
Het Gerecht oordeelt dat de BTW-richtlijn zich verzet tegen de Oostenrijkse beperking van het niet-leveringsbeginsel bij de overgang van het geheel of een gedeelte van een algemeenheid van goederen.
Het Gerecht oordeelt dat BTW-herziening moet plaatsvinden bij A&P Deco NV in verband met de verhuur van de bedrijfsgebouwen aan WR BV. A&P Deco NV heeft haar onderneming namelijk in het kader van de overgang van een algemeenheid van goederen overgedragen aan WR BV en de bedrijfsgebouwen vrijgesteld van BTW verhuurd aan WR BV.
De Hoge Raad stelt een prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie over de verrekening van de Belgische bronbelasting. Twijfel bestaat of de verplichte volgorde waarin eerst buitenlandse bronbelasting en daarna pas heffingskortingen worden verrekend, verenigbaar is met het vrije verkeer van kapitaal.