Het Gerecht oordeelt dat BTW-herziening moet plaatsvinden bij A&P Deco NV in verband met de verhuur van de bedrijfsgebouwen aan WR BV. A&P Deco NV heeft haar onderneming namelijk in het kader van de overgang van een algemeenheid van goederen overgedragen aan WR BV en de bedrijfsgebouwen vrijgesteld van BTW verhuurd aan WR BV.

A&P Deco exploiteert een tuincentrum. In 2004 en 2005 laat zij bedrijfsgebouwen bouwen en voert daaraan in 2008 - 2011 verbouwings- en aanpassingswerken uit. Zij brengt de BTW in aftrek. In 2013 draagt zij haar onderneming, in het kader van de overgang van een algemeenheid van goederen, over aan WR Woestijnroos BV. Haar bedrijfsgebouwen verhuurt zij vrijgesteld van BTW aan WR BV. Naar aanleiding van een controle herziet de Belgische fiscus de in aftrek gebrachte BTW, pro rata, in verband met een bestemmingswijziging van de bedrijfsgebouwen. A&P Deco is het hier niet mee eens. Volgens haar treedt WR BV in de plaats van A&P Deco en is herziening daarom bij haar niet aan de orde. De Belgische rechter stelt een prejudiciële vraag in deze zaak. Het Hof van Justitie heeft de zaak doorgezonden naar het Gerecht.

Het Gerecht oordeelt dat BTW-herziening moet plaatsvinden bij A&P Deco NV in verband met de verhuur van de bedrijfsgebouwen aan WR BV. A&P Deco NV heeft haar onderneming namelijk in het kader van de overgang van een algemeenheid van goederen overgedragen aan WR BV en de bedrijfsgebouwen vrijgesteld van BTW verhuurd aan WR BV.

Wetingang:

Richtlijn 2006/112/EG van de Raad betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde artikel 19

Richtlijn 2006/112/EG van de Raad betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde artikel 184

Instantie: Gerecht van de Europese Unie

Rubriek: Omzetbelasting

Editie: 7 september

Informatiesoort: VN Vandaag

9

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen