Advocaat-generaal Kokott concludeert dat de Portugese regeling voor de aftrek van de door een dochter aan haar moeder uitgekeerde dividenden in strijd is met het EU-recht. Dit geldt voor de voorwaarde dat de moeder de concrete deelnemingen een jaar lang moet hebben behouden.
Advocaat-generaal Kokott concludeert dat de situatie van een Franse moedermaatschappij die de verliezen van haar Franse dochter in aanmerking wil nemen niet vergelijkbaar is met die van OPmobility en Société Générale, wanneer Frankrijk de resultaten van de buitenlandse dochters niet belast.
De Hoge Raad vraagt of het HvJ EU bevoegd is bij wijze van prejudiciële beslissing een uitspraak te doen over de uitlegging van de Rijnvarendenovereenkomst en welke wetgeving dan bij nevenwerkzaamheden van toepassing is?
Advocaat-generaal Martín y Pérez de Nanclares concludeert dat de levering van een kunstwerk, en een of meerdere nevenprestaties, door Grotta Nuova moet worden aangemerkt als een levering van een goed.
Het Gerecht oordeelt dat voor een boot die voor een reparatie in Duitsland vanuit Zwitserland naar Duitsland wordt vervoerd, geen sprake is van een invoer waarvoor BTW bij invoer is verschuldigd. Er moet dan wel vaststaan dat het niet de bedoeling was om de boot te gebruiken in Duitsland.
Advocaat-generaal Laulhé Shaelou concludeert dat het begrip dubbele belasting niet van toepassing is op een situatie waarin dezelfde inkomsten onder de belastingstelsels van twee lidstaten vallen, maar binnen een van deze stelsels van belasting zijn vrijgesteld.
Hof 's-Hertogenbosch oordeelt dat de inspecteur geen nieuw feit heeft, omdat hij wist dat er goodwill bij X BV was. Het feit dat haar aangifte is ingediend onder Horizontaal toezicht is niet relevant.
Het Hof van Justitie van de Europese Unie verruimt in een uitspraak (HvJ 15 oktober 2026, ECLI:EU:C:2026:863, V-N Vandaag 2026/2187) de mogelijkheden om misbruik van de Europese Moeder-dochterrichtlijn vast te stellen. Niet alleen brievenbusmaatschappijen, maar ook reële ondernemingen kunnen daardoor bij dividenduitkeringen met een strengere misbruiktoets worden geconfronteerd. Dat zegt EY-partner International Tax Max Velthoven tegen EW Magazine.
Hof 's-Hertogenbosch oordeelt dat de inspecteur de door hem verdedigde waarde van de goodwill aannemelijk maakt door aan te sluiten bij berekeningen binnen de groep ter zake van aandelentransacties tussen onafhankelijke partijen.
Hof Amsterdam oordeelt dat de inspecteur terecht dividendbelasting heft over de onzakelijk hoge rente. Verkapte dividenduitkeringen vallen namelijk ook onder het bereik van de dividendbelasting.