Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt in hoger beroep dat de aanslagen afvalstoffenheffing voor de appartementen die X BV huurt en inzet in haar hotelbedrijf ten onrechte zijn opgelegd, omdat X daar geen particuliere huishouding voert. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie zonder nadere motivering ongegrond (art. 81 lid 1 Wet RO).

X BV exploiteert een restaurant, een hotel en appartementen. Zij huurt de appartementen, die eigendom zijn van particulieren, per kwartaal van de particulieren en gebruikt die in haar bedrijfsvoering. De heffingsambtenaar van Schiermonnikoog legt aan X BV een aanslag afvalstoffenheffing 2014 tot en met 2017 op voor het gebruik van de appartementen. De rechtbank vernietigt de aanslagen. De heffingsambtenaar komt in hoger beroep.

Hof Arnhem-Leeuwarden (V-N Vandaag 2020/609) oordeelt dat de aanslagen ten onrechte zijn opgelegd. Niet in geschil is dat X BV de gebruiker is van de appartementen. Het hof oordeelt dat de appartementen door X BV bedrijfsmatig in het kader van haar hotelbedrijf geëxploiteerd worden. De appartementen vormen een geïntegreerd onderdeel van dit bedrijf. X BV voert in de appartementen geen particuliere huishouding. De door het gebruik van de appartementen ontstane afvalstoffen zijn dan ook niet afkomstig uit particuliere huishoudens. Het hoger beroep is ongegrond.

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie zonder nadere motivering ongegrond (art. 81 lid 1 Wet RO).

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet milieubeheer 15:33

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Belastingen van lagere overheden

Instantie: Hoge Raad

Editie: 3 maart

12

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen