Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de inspecteur niet enkel mag afgaan op een mededeling van een RDW-medewerker, maar de CO2-uitstoot zelf had moeten checken. De naheffingsaanslag wordt vernietigd.

X doet BPM-aangifte voor een uit Luxemburg afkomstige Ford Mustang Coupé met schade en betaalt hiertoe € 957. Volgens X is de CO2-uitstoot 252 gr/km. De inspecteur gaat echter uit van een 338 gr/km op basis van een RDW-formulier. In geschil is de naheffingsaanslag van € 977. Niet in geschil is dat er geen (individuele) typegoedkeuring is, dat er geen certificaat van overeenstemming (CVO) is afgegeven en dat de inspecteur geen afschrift uit het Luxemburgse kentekenregister heeft overgelegd.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de inspecteur niet enkel mag afgaan op een mededeling van een RDW-medewerker, maar de CO2-uitstoot zelf had moeten checken. Het is dus niet duidelijk of de auto in Luxemburg is gekeurd en welke CO2-uitstoot op het Luxemburgse kenteken staat. De verschuldigde BPM is lager (€ 714) dan wat op aangifte is betaald, zodat de naheffingsaanslag wordt vernietigd.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 9

Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Rubriek: Belastingheffing van motorrijtuigen

Editie: 3 maart

Informatiesoort: VN Vandaag

  500
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen