Hof Amsterdam oordeelt in navolging van de rechtbank dat geen sprake is van overschrijding van de maximale kostendekkingsnorm, zodat de verordeningen niet onverbindend zijn.

X is eigenaar van een woning. Aan hem worden aanslagen rioolheffing en afvalstoffenheffing 2019 opgelegd. Hij bestrijdt in hoger beroep de verbindendheid van de verordeningen.

Hof Amsterdam oordeelt, evenals de rechtbank, dat de maximale kostendekkingsnorm noch voor de rioolheffing, noch voor de afvalstoffenheffing is overschreden. De gemeente werkt voor beide taken samen met andere gemeenten. De heffingsambtenaar maakt met de in hoger beroep verstrekte informatie voor zowel de rioolheffing als de afvalstoffenheffing alsnog aannemelijk dat de opbrengstlimiet niet is overschreden, ook al wekken de in de Programmabegroting gepresenteerde cijfers op het eerste gezicht een andere indruk. Het hof verwerpt het standpunt van X dat voor de beoordeling of de opbrengstlimiet wordt overschreden, niet uitsluitend moet worden gekeken naar de opbrengst van de heffingen, maar tevens naar de overige baten. Daaruit volgt niet dat de opbrengstlimiet is overschreden met de baten die voortvloeien uit de doorbelasting van kosten aan de samenwerkende gemeenten. Tegenover die doorbelasting staat een gelijk bedrag aan lasten. Bovendien dienen deze doorbelasting en deze lasten bij de beoordeling of de opbrengstlimiet is overschreden geen rol te spelen, omdat het hier niet gaat om kostendekking en lasten van de Verordening rioolheffing waarop die beoordeling heeft te zien (vgl. HR 16 april 2010, nr. 08/02001, V-N 2010/19.26).

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet milieubeheer 15.33

Gemeentewet 229b

Instantie: Hof Amsterdam

Rubriek: Belastingen van lagere overheden

Editie: 5 december

Informatiesoort: VN Vandaag

68

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen