Kan een bv-eigenaar een reeds lopende uitkering uit een lijfrente overzetten naar een bankrekening? Een casus.

De casus luidt als volgt.

Een vrouw heeft in 2005 een stakingslijfrente bedongen bij haar eigen bv. Inmiddels keert deze lijfrente maandelijks aan haar uit. Zij is nu 68 jaar en eigenlijk wil ze van haar bv af. Kan zij de lijfrente bij een bank afstorten?

Het antwoord is ja, dat is mogelijk. Een (ingegane) lijfrenteverzekering bij de eigen bv kan worden omgezet in een (ingegane) lijfrenterekening (art. 3.134 lid 1 Wet IB 2001). Iemand kan de lijfrente afstorten op een lijfrenterekening waarbij de volgende aandachtspunten gelden:

  • Voor het afstorten van een uitkerende of zuivere lijfrente vormt de commerciële waarde het uitgangspunt, niet de (veel lagere) fiscale boekwaarde. Een accountant kan deze commerciële waarde (laten) berekenen. Als de bv een te laag bedrag afstort, is een deel van de verplichting in de bv achtergebleven. Als iemand daarvan afziet, heeft dat tot gevolg dat diegene over de (commerciële) waarde daarvan inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen moet betalen én 20 procent revisierente.  

    Let op! Een bank zal doorgaans niet beoordelen of een bv al dan niet de volledige lijfrenteverplichting afstort, ook niet als de lijfrenteovereenkomst met de bv ongevraagd wordt meegestuurd.

  • Mogelijk heeft de bv niet voldoende middelen om de volledige lijfrenteverplichting af te storten en is een deel van de lijfrenteaanspraak daardoor niet voor verwezenlijking vatbaar. Daarvan mag dan wel worden afgezien zónder dat er inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen is verschuldigd (art 3.133 lid 2 onderdeel f Wet IB 2001). Het is verstandig dit met de Belastingdienst te bespreken alvorens van een deel van de aanspraak af te zien. De prijsgave vormt in beginsel belastbare winst voor de bv, maar mogelijk zijn er verrekenbare verliezen.

  • De op basis van de commerciële waarde van de verplichting berekende af te storten koopsom is hoger dan de fiscale boekwaarde van de lijfrenteverplichting. Voor de heffing van vennootschapsbelasting vormt dit verschil een verlies voor de bv.

Ook omzetting naar een opbouwende lijfrente mogelijk

In het standpunt KG:070:2025:2 van de Kennisgroep verzekeringsproducten en assurantiebelasting van de Belastingdienst is goedgekeurd dat een reeds uitkerende lijfrente kan worden omgezet in een opbouwende lijfrente. Hierdoor kan de waarde van de lijfrente onder voorwaarden ook worden afgestort op opbouwende lijfrente.

Let wel: deze mogelijkheid geldt niet voor stakingslijfrenten als bedoeld in art. 3.129, lid 2, onderdeel a, ten tweede, respectievelijk onderdeel b, ten tweede, Wet IB 2001. Voor die lijfrenten blijft omzetting naar een opbouwende variant uitgesloten. Deze lijfrentevormen dienen bij totstandkoming direct in te gaan en kunnen dus niet worden omgezet in een uitgestelde lijfrente noch in eigen beheer noch door afstorting bij een bank.

Andere afstortingen in eigen beheer

Ook een in een eigen bv uitgevoerd goudenhanddrukstamrecht kan worden afgestort bij een bank. De hiervoor genoemde aandachtspunten gelden ook bij deze afstorting. Andere afstortingen vanuit eigen beheer zijn onder meer oudedagsverplichting (ODV), fiscale oudedagsreserve (FOR) en de FOR-lijfrente.

Lees ook het thema Lijfrenten.

Bron: Legal & Tax Nationale Nederlanden

Informatiesoort: Nieuws

Rubriek: Inkomstenbelasting, Pensioenen

25

Gerelateerde artikelen