Advocaat-generaal Campos Sánchez-Bordona concludeert dat België strafvervolging mag instellen, zonder dat het EOM in kennis is gesteld van het feit dat een onderzoek is ingesteld en gevoerd naar een strafbaar feit waarvoor het EOM bevoegd zou kunnen zijn.

Uit een door de Belgische douane ingesteld onderzoek blijkt dat verschillende natuurlijke personen en rechtspersonen (NV SI e.a. [Tersten]) diverse douaneovertredingen hebben begaan bij de invoer van goederen uit China, die in Brussel werden ingeklaard en waarvan de geadresseerden zich in Duitsland, Spanje en Hongarije bevonden. In de procedures die vervolgens worden ingesteld, wordt gesteld dat de Belgische Staat het Europees Openbaar Ministerie (EOM) niet in kennis heeft gesteld van de aan de orde zijnde feiten. Ook is niet gebleken dat het EOM heeft besloten dat er geen redenen waren om zijn evocatierecht uit te oefenen. Een en ander zou dan moeten leiden tot niet-ontvankelijkheid van de ingestelde vorderingen. De Belgische rechter stelt prejudiciële vragen in deze zaak.

Advocaat-generaal Campos Sánchez-Bordona concludeert dat België strafvervolging mag instellen, zonder dat het EOM in kennis is gesteld van het feit dat een onderzoek is ingesteld en gevoerd naar een strafbaar feit waarvoor het EOM bevoegd zou kunnen zijn. België moet het EOM wel in kennis stellen van lopende gerechtelijke procedures met betrekking tot strafbare feiten ten aanzien waarvan het EOM zijn bevoegdheid zou kunnen uitoefenen. Dit geldt voor het geval België het EOM niet eerder in kennis hebben gesteld van hun onderzoeken. Het EOM kan dan alsnog gebruikmaken van zijn evocatierecht.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Verdrag betreffende de Europese Unie artikel 4

Instantie: Hof van Justitie van de Europese Unie

Rubriek: Douane, Strafrecht

Editie: 22 september

Informatiesoort: VN Vandaag

11

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen