Hof 's-Hertogenbosch oordeelt dat het inkomen uit werk en woning van X is vastgesteld aan de hand van een verstrekte jaaropgave en dat X niet heeft gesteld, laat staan aannemelijk heeft gemaakt, dat het volgens de jaaropgave ontvangen inkomen onjuist zou zijn. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk, omdat het duidelijk niet kan slagen (art. 80a lid 1 Wet RO).

X ontvangt in 2020 een inkomen uit de Participatiewet van € 4269. Omdat X geen IB-aangifte indient, legt de inspecteur een ambtshalve aanslag op naar een BIWW van € 50.269. Na het bezwaar van X vermindert de inspecteur het BIWW naar € 4269. De belastingrente wordt verminderd tot nihil en de verzuimboete blijft in stand. X acht het vastgestelde inkomen te hoog.

Hof 's-Hertogenbosch (V-N Vandaag 2026/900) oordeelt, in navolging van Rechtbank Zeeland-West-Brabant, dat het inkomen uit werk en woning van X is vastgesteld aan de hand van een verstrekte jaaropgave en dat X niet heeft gesteld, laat staan aannemelijk heeft gemaakt, dat het volgens de jaaropgave ontvangen inkomen onjuist zou zijn. Het inkomen is dan niet te hoog. Voor de boete geldt dat deze passend en geboden is. Verder corrigeert het hof nog een misslag in het dictum van de uitspraak van de rechtbank. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk, omdat het duidelijk niet kan slagen (art. 80a lid 1 Wet RO).

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.82

Instantie: Hoge Raad

Rubriek: Inkomstenbelasting

Editie: 22 september

Informatiesoort: VN Vandaag

9

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen