X geniet een nabestaandenpensioen. De inspecteur heeft op verzoek van X het pensioen belast volgens het Besluit Pensioenen Internationale Organisaties (Besluit van 19 augustus 2022, nr. 2022-206968, Stcrt. 2022, 21897). Het pensioen is voor twee derde deel belast in box 1 en voor een derde deel in box 3. In geschil is of en in hoeverre de pensioenuitkeringen behoren tot het belastbaar inkomen uit werk en woning (box 1) en het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen (box 3). Meer specifiek is in geschil of de gecoördineerde pensioenregeling kwalificeert als zuivere pensioenregeling.
Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de gecoördineerde pensioenregeling geen onzuivere pensioenregeling is. Anders dan X meent maakt de zogenoemde ‘tax-adjustment’ geen onderdeel uit van de pensioenregeling. Voorts maakt de ‘leaving allowance’, het ontbreken van AOW-inbouw en de mogelijkheid om met 50 jaar met pensioen te gaan de pensioenregeling niet onzuiver. Ten slotte is de kring van nagelaten betrekkingen niet groter dan destijds in Nederland gebruikelijk was. Gelet hierop zijn de pensioenuitkeringen terecht belast als loon. X heeft wel recht op een immateriële schadevergoeding van € 10.000 wegens overschrijding van de redelijke termijn.
Wetingang:
Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.82
Wet op de loonbelasting 1964 artikel 11
Instantie: Rechtbank Noord-Holland
Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht, Loonbelasting
Editie: 6 november
Informatiesoort: VN Vandaag