Hof 's-Hertogenbosch oordeelt in hoger beroep dat sprake is van een in laakbaarheid aan opzet grenzende onachtzaamheid. De heer X houdt zich namelijk beroepsmatig bezig met onder meer het verzorgen van belastingaangiften voor derden.

De heer X verzorgt boekhoudingen, verstrekt belastingadviezen en beoefent podiumkunst. In de periode 2010 tot en met 2014 heeft X vanuit zijn eenmanszaak achtereenvolgens drie personenauto’s tot zijn beschikking gehad. Hoewel de betreffende kosten steeds ten laste van de eenmanszaak zijn gekomen, heeft X nimmer privégebruik aangegeven. In geschil zijn de (navorderings)aanslagen, alsmede de 25% vergrijpboetes van in totaal € 1520. Rechtbank Zeeland-West-Brabant matigt de boetes tot € 574. X gaat in hoger beroep.

Hof 's-Hertogenbosch oordeelt dat sprake is van een in laakbaarheid aan opzet grenzende onachtzaamheid. X houdt zich namelijk beroepsmatig bezig met onder meer het verzorgen van belastingaangiften voor derden. De inspecteur stelt vergeefs dat de redelijke termijn door toedoen van X is overschreden. Er zijn geen bijzondere omstandigheden die nopen tot verlenging van de redelijke termijn. Zo heeft X geen herhaalde verzoeken gedaan om verlenging van termijnen of om uitstel gevraagd voor (het voldoen aan) uitnodigingen of oproepingen. Het incidentele hoger beroep van de inspecteur is gegrond omdat het overschrijden van de redelijke termijn slechts noopt tot een matiging met 5%. Voor 2012 wordt vanwege het geringe financiële belang - minder dan € 200 - volstaan met de constatering dat de redelijke termijn is overschreden (zie Hof Amsterdam 2 juli 2009, V-N 2009/37.5).

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden 6

Algemene wet inzake rijksbelastingen 67e

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Bronbelasting, Inkomstenbelasting

Instantie: Hof 's-Hertogenbosch

Editie: 6 december

1

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen