De Kennisgroep Reorganisatiefaciliteiten en fiscale eenheden heeft een standpunt gepubliceerd over de reikwijdte van de indeplaatstreding bij een juridische splitsing, waarbij een aandelenbelang van 6% wordt gesplitst in twee belangen van 3%.

In de casus gaat het om A bv met een belang van 6% in X bv dat meer dan een jaar in bezit is. Op het belang is gedurende de gehele bezitsperiode onafgebroken de deelnemingsvrijstelling van toepassing geweest. A bv wordt zuiver gesplitst in B bv en C bv. Door de splitsing verkrijgen B bv en C bv ieder een belang van 3% in X bv. De splitsing heeft fiscaal geruisloos plaatsgevonden. Een jaar na de splitsing verkopen B bv en C bv hun aandelen in X bv.

B bv en C bv zijn in de plaats getreden van A bv voor de omstandigheid dat A bv de aandelen in X bv reeds meer dan een jaar hield en waarvoor A bv in die periode onafgebroken in aanmerking kwam voor de deelnemingsvrijstelling. De aandelen in X bv vormen voor B bv en C bv een aflopende deelneming en de deelnemingsvrijstelling is nog drie jaar van toepassing.

Lees ook het thema Vennootschapsbelastinggevolgen van fusies en splitsingen.

Wetsartikelen:

Wet op de vennootschapsbelasting 1969 14a

Wet op de vennootschapsbelasting 1969 13

[Nieuwsbron]

Rubriek: Vennootschapsbelasting

Regelgevende instantie: Belastingdienst

Editie: 26 maart

Informatiesoort: VN Vandaag

349

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen