X is mede-eigenaar van een woning in de gemeente Kapelle zonder daar hoofdverblijf te houden. X is het niet eens met de aanslag forensenbelasting. Hij stelt dat de woning hem niet gedurende 90 dagen ter beschikking stond omdat mondeling met de mede-eigenaar (het gezin van zijn zoon) is afgesproken dat geen van beiden de woning gebruikt en dat deze volledig wordt verhuurd.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat X het bestaan van een mondelinge afspraak met zijn zoon over het gebruik van de woning niet aannemelijk heeft gemaakt. Tegenover de betwisting door de heffingsambtenaar is deze afspraak niet nader onderbouwd en bovendien is deze in strijd met de eerdere stelling van X dat de eigenaren het huis kunnen gebruiken wanneer het niet wordt verhuurd. Ook het aantal overnachtingen voor de toeristenbelasting (212) bewijst niet dat de woning minder dan 90 dagen aan X ter beschikking stond, omdat meerdere personen tegelijk kunnen verblijven. De rechtbank verwerpt de stelling van X over verboden samenloop van toeristenbelasting en forensenbelasting. Dat de aanslag wordt opgelegd aan de oudste eigenaar van de woning dient een legitiem doel en is geen leeftijdsdiscriminatie. Het beroep van X is ongegrond.
Wetingang:
Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Rubriek: Belastingen van lagere overheden
Editie: 30 september
Informatiesoort: VN Vandaag