Eiseres, X, schakelt bij haar bezwaar tegen de WOZ-waarde een gemachtigde in om op basis van 'no cure no pay' haar belangen te behartigen. De heffingsambtenaar van de gemeente Rheden verklaart haar bezwaar gegrond en verlaagt de WOZ-waarde. In beroep verschillen partijen alleen nog van mening over de hoogte van de proceskostenvergoeding. Rechtbank Arnhem oordeelt dat de heffingsambtenaar van de gemeente Rheden te karig is geweest bij het toekennen van een proceskostenvergoeding. De gemeente heeft ten onrechte een wegingsfactor 0,25 gehanteerd voor de kosten van door een derde verleende rechtsbijstand. Het feit dat de inhoud van het bezwaarschrift grotendeels afkomstig was uit het taxatierapport betekent niet dat een wegingsfactor lager dan 1 toegepast moet worden. Ook is ten onrechte geen punt toegekend voor het bijwonen van een hoorzitting. Voor het taxatierapport bedraagt de proceskostenvergoeding € 380,80 namelijk 4 uur x € 80 vermeerderd met btw. Met de verwijzing naar door andere taxateurs gehanteerde tarieven heeft de gemeente niet aannemelijk gemaakt dat marktpartijen, die niet op basis van 'no cure no pay' werken, per uur minder dan € 80 per uur exclusief btw in rekening brengen. Verder verwerpt de rechtbank het standpunt van de gemeente dat taxatiewerkzaamheden niet gezien kunnen worden als werkzaamheden van wetenschappelijke of bijzondere aard. Het beroep van X is gegrond.
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen
Zowel in aantal als balansomvang flinke daling van belastingontwijkingsvehikels
Het aantal financiële holdings van multinationals is tussen 2017 en 2025 gedaald van ruim 14 duizend organisaties naar nog geen 8 duizend in 2025. Dat meldt De Nederlandsche Bank op haar website.
Kennisgroepstandpunt: Liechtensteinse AG is vergelijkbaar met Nederlandse NV of BV
De Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen stelt dat een naar het recht van Liechtenstein opgerichte Aktiengesellschaft (AG) naar aard en inrichting vergelijkbaar is met een Nederlandse NV of BV.
Kennisgroep: Curaçaose BV is vergelijkbaar met Nederlandse NV of BV
Een Curaçaose BV is voor de toepassing van de Wet VPB 1969, de Wet IB 2001, de Wet DB 1965 en de Wet BB 2021 vergelijkbaar met een Nederlandse NV of BV. Dit staat in een standpunt van de Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen.
Uitvoeringsvoorschriften bronbelasting op interest en royalty’s
De Staatssecretaris van Financiën heeft de Uitvoeringsvoorschriften bronbelasting op interest en royalty’s gepubliceerd. Dit besluit bevat de universele Nederlandse uitvoeringsvoorschriften van het interestartikel en het royaltyartikel in belastingverdragen voor de heffing van de bronbelasting op interest en royalty’s op grond van de Wet bronbelasting 2021. Het is een actualisering van het besluit van 7 december 2021, nr. 2021-21220, V-N 2022/3.10.
FASTER-richtlijn aangenomen door de Raad van de EU
Op 10 december 2024 heeft de Raad van de EU de FASTER-richtlijn (V-N 2023/31.10) aangenomen. De volgende stap is dat de tekst in het Publicatieblad van de EU wordt bekendgemaakt. De lidstaten moeten de richtlijn uiterlijk op 31 december 2028 in nationale wetgeving omzetten. De voorschriften zijn vanaf 1 januari 2030 van toepassing.