Rechtbank Noord-Nederland oordeelt dat de inspecteur het bij de verkoop van de kavel gerealiseerde voordeel terecht als resultaat uit overige werkzaamheden bij X en Y in aanmerking heeft genomen. Het behaalde voordeel was namelijk beoogd door X en Y en was ook redelijkerwijs te verwachten.

Belanghebbenden, het echtpaar X en Y, kopen in 2006 voor € 595.000 een bouwterrein. X en Y realiseren hierop hun eigen woning. In 2014 kopen X en Y nog een groenstrook van de gemeente. In 2015 verkopen X en Y een deel van hun kavel. De inspecteur legt IB-navorderingsaanslagen op aan X en Y in verband met het door hen behaalde voordeel (ROW) van € 215.000 in verband met de verkoop van de kavel. In geschil is of het voordeel dat X en Y hebben behaald met de verkoop van het perceel belastbaar is als resultaat uit overige werkzaamheden.

Rechtbank Noord-Nederland oordeelt dat de inspecteur het bij de verkoop van de kavel gerealiseerde voordeel terecht als ROW bij X en Y in aanmerking heeft genomen. Het behaalde voordeel was namelijk beoogd door X en Y en was ook redelijkerwijs te verwachten. De rechtbank acht daarbij van belang dat X een onderneming drijft op het gebied van bouwadvies en daardoor meer kennis en deskundigheid van de verrichte werkzaamheden heeft dan de gemiddelde persoon. Verder is van belang dat het voordeel was te verwachten gezien de medewerking van de gemeente en de mogelijkheid voor X en Y om de aangekochte groenstrook te kunnen verkopen als bouwgrond. Daarnaast merkt de rechtbank nog op dat X en Y met het behaalde voordeel de door hen geleden planschade willen compenseren. Van planschade die voor compensatie in aanmerking komt is echter geen sprake. Het gelijk is aan de inspecteur. X' beroep is ongegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet inkomstenbelasting 2001 3.90

Instantie: Rechtbank Noord-Nederland

Rubriek: Inkomstenbelasting

Editie: 22 februari

Informatiesoort: VN Vandaag

1179

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen