Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat geen sprake is van een uitdeling in verband met de lage verkoopprijs van de woning omdat een bevoordelingsbedoeling ontbreekt. De door Q bv betaalde koopprijs ligt namelijk in lijn met de WOZ-waarden 2014 - 2016.

Belanghebbenden, Y, en zijn echtgenote, X, wonen in een woning die Y in 1999 heeft gekocht met zijn toenmalige echtgenote, Z. In 2015 verkoopt Y de woning voor € 513.000 aan Q bv. Y houdt alle aandelen in deze vennootschap. Uitgangspunt daarbij is de WOZ-waarde 2015 van € 485.000. In 2016 verkoopt Q bv de woning voor € 325.000 aan Z. Naar aanleiding van een onderzoek stelt de inspecteur dat sprake is van een uitdeling en legt hij IB-navorderingsaanslagen op aan X en Y.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat geen sprake is van een uitdeling in verband met de lage verkoopprijs van de woning omdat een bevoordelingsbedoeling ontbreekt. De door Q bv betaalde koopprijs ligt namelijk in lijn met de WOZ-waarden 2014 - 2016. De beduidend lagere WOZ-waarde 2017 was ten tijde van de verkoop aan Z nog niet bekend. De rechtbank vernietigt de navorderingsaanslagen.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet inkomstenbelasting 2001 4.12

Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Rubriek: Inkomstenbelasting

Editie: 20 mei

Informatiesoort: VN Vandaag

546

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen