Rechtbank Gelderland oordeelt dat X BV haar rekening-courantvordering op E BV op grond van goed koopmansgebruik niet kan afwaarderen. X BV had haar DGA, die zich borg had gesteld, namelijk kunnen aanspreken tot voldoening van de rekening-courantvordering.

DGA Y houdt de aandelen in X BV en D BV. D BV houdt de aandelen in E BV. E BV sluit in 2014 een huurkoopovereenkomst met HEMA Uithof BV, waarbij de onderneming van Hema wordt verkregen. Y stelt zich borg voor nakoming van de verplichtingen van E BV en X BV stelt, via een rekening-courantverhouding, gelden ter beschikking aan E BV ter voldoening van haar verplichtingen. In haar VPB-aangifte 2020 neemt X BV een boekverlies van ruim € 150.000 in aanmerking vanwege de afwaardering van de rekening-courantvordering op E BV. De inspecteur acht afwaardering niet mogelijk.

Rechtbank Gelderland oordeelt dat X BV haar rekening-courantvordering op E BV op grond van goed koopmansgebruik niet kan afwaarderen. X BV had haar DGA, die zich borg had gesteld, namelijk kunnen aanspreken tot voldoening van de rekening-courantvordering. Omdat niet is gebleken dat X BV daartoe is overgegaan, maakt zij niet aannemelijk dat een reëel risico bestaat dat de vordering niet of voor een deel niet zal worden terugbetaald. Vervolgens overweegt de rechtbank nog, voor het geval DGA Y zich niet borg heeft gesteld, dat de geldlening onzakelijk is. Het gelijk is aan de inspecteur.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Wet op de vennootschapsbelasting 1969 artikel 8

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.25

Instantie: Rechtbank Gelderland

Rubriek: Vennootschapsbelasting, Inkomstenbelasting

Editie: 16 oktober

Informatiesoort: VN Vandaag

18

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen