Een belastingplichtige kan terugkomen op de keuze om een lening als eigenwoningschuld aan te merken in box 1, tot het moment waarop de aanslag van het belastingjaar van aankoop onherroepelijk vaststaat. Dat staat in een standpunt van de Kennisgroep onroerende zaken.

In de voorgelegde casus wordt een woning gefinancierd met twee aflossingsvrije leningen van elk € 400.000. Voor een bedrag van € 400.000 heeft belanghebbende recht op het overgangsrecht voor bestaande eigenwoningschulden. In de aangifte wijst hij één lening volledig toe aan box 1 en de andere aan box 3. De belastingplichtige heeft de keuze om van de pro-rata hoofdregel af te wijken door in de aangifte van het jaar van aankoop één lening geheel in box 1 aan te geven. De belastingplichtige kan op deze keuze in de aangifte inkomstenbelasting terugkomen tot het moment waarop de aanslag van het jaar van aankoop onherroepelijk vaststaat. Een herziene keuze geldt voor alle volgende belastingjaren en tot het moment dat er zich gewijzigde omstandigheden met betrekking tot de woning voordoen. Van gewijzigde omstandigheden is bijvoorbeeld sprake als een verwerving of een (fictieve) vervreemding van de woning plaatsvindt of de maximale eigenwoningschuld wordt herrekend.

Wetingang:

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 10BIS.1

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.119A

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.119F

[Nieuwsbron]

Rubriek: Inkomstenbelasting

Regelgevende instantie: Belastingdienst

Editie: 28 september

Informatiesoort: VN Vandaag

8

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen