De Kennisgroep verzekeringsproducten en assurantiebelasting en de Kennisgroep formeel recht stellen dat er een nieuwe aanspraak voor de tegenbewijsregeling revisierente ontstaat bij een geruisloze omzetting van een ODV in een lijfrenterekening.

Een DGA zet zijn pensioen in eigen beheer (PEB) in 2017 om in een oudedagsverplichting (ODV). In 2018 zet de DGA de ODV ter waarde van € 104.000 geruisloos om in een lijfrenterekening. In 2024 koopt de DGA de lijfrenterekening af die inmiddels is aangegroeid tot € 118.000. Volgens de kennisgroepen is revisierente verschuldigd over het bedrag van de lijfrenterekening op het moment van afkoop, in dit geval € 118.000. De verschuldigde revisierente is dan € 23.600. De tegenbewijsregeling revisierente is in dit geval ook van toepassing omdat de aanspraak minder dan tien jaar voor het jaar van afkoop is bedongen. Door de geruisloze omzetting van de ODV naar de lijfrenterekening is namelijk per 2018 een nieuwe aanspraak ontstaan. Voor de toepassing van de tegenbewijsregeling revisierente wordt het bedrag van de waarde van de ODV-aanspraak dat bij omzetting is gestort op de lijfrenterekening (€ 104.000) aangemerkt als een afgetrokken lijfrente-inleg.

Wetsartikelen:

Wet op de loonbelasting 1964 38p

Wet inkomstenbelasting 2001 3.137

Wet inkomstenbelasting 2001 3.126a

Wet inkomstenbelasting 2001 3.124

Wet inkomstenbelasting 2001 3.133

Algemene wet inzake rijksbelastingen 30i

[Nieuwsbron]

Rubriek: Inkomstenbelasting, Loonbelasting, Fiscaal bestuurs(proces)recht

Regelgevende instantie: Belastingdienst

Editie: 11 juli

Informatiesoort: VN Vandaag

370

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen