X doet op 3 oktober 2022 BPM-aangifte voor een Audi. De auto is op 28 september 2022 door de RDW gekeurd. In zijn aangifte doet X een beroep op de taxatiemethode. Tevens voegt hij een taxatierapport van 29 september 2022 bij zijn aangifte. De inspecteur stelt dat de taxatiemethode niet kan worden toegepast omdat de schouw door de taxateur heeft plaatsgevonden nà de goedkeuring van de auto door de RDW. De inspecteur gaat uit van de bij de aangifte gevoegde koerslijst van X-Ray.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de taxatiemethode niet kan worden toegepast. Er is namelijk niet voldaan aan de voorwaarden voor toepassing van de taxatiemethode (art. 8 lid 4 onderdeel b Uitv.reg. BPM). Ten eerste had de fysieke schouw van de auto één maand vóór de keuring bij de RDW moeten plaatsvinden, en ten tweede heeft X niet (tijdig) een inkoopfactuur overgelegd. Wel volgt de rechtbank het standpunt van X dat koerslijstmethode dan moet worden gebruikt voor het vaststellen van de verschuldigde BPM en dat daarbij de handelsinkoopwaarde kan worden vastgesteld aan de hand van de koerslijst van X-Ray. De rechtbank vermindert de naheffingsaanslag.
Wetingang:
Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 artikel 10
Uitvoeringsregeling belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 artikel 8
Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Rubriek: Belastingheffing van motorrijtuigen
Editie: 25 augustus
Informatiesoort: VN Vandaag