Per 1 juli 2020 wordt de dwanginvordering van belastingschulden onder een derde op wie de belastingschuldige een vordering heeft of zal verkrijgen eenvoudiger. Op die dag treedt art. XXII van Overige fiscale maatregelen 2018 (V-N 2018/5.3.2) in werking.

Door de inwerkingtreding per 1 juli 2020 treedt de vereenvoudiging van het derdenbeslag niet eerder in werking dan geregeld is dat bij dit beslag een vrij te laten bedrag wordt gerespecteerd. Dit wordt geregeld in een wijziging van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 (URIW 1990).

Daarmee wordt uitvoering gegeven aan de wijze waarop een vordering wordt vormgegeven die de Belastingdienst doet onder een derde die een betaaldienstverlener is.

Een belangrijk onderdeel van deze uitvoeringsregels is dat bij belastingschuldigen die een natuurlijk persoon zijn, vooraf rekening wordt gehouden met een vrij te laten bedrag dat voor hen beschikbaar moet blijven op de bankrekening als bestaansvoorziening.

[Nieuwsbron]

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Invordering

Regelgevende instantie: Ministerie van Justitie en Veiligheid

Editie: 24 juni

Carrousel: Carrousel

5

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen