Op 28 maart 2007 wordt belanghebbende (X U.A.) opgericht. Vanaf haar oprichting vormt ze een fiscale eenheid met haar dochter A bv. Op 3 augustus 2007 verwerft belanghebbende een belang van 100% in deelnemingen die zijn gevestigd in Brazilië, Panama en de USA. In 2007 leidt belanghebbende een verlies van ruim € 19,3 mln. De inspecteur merkt het verlies van belanghebbende aan als een houdsterverlies. Rechtbank Haarlem oordeelt dat belanghebbende niet is aan te merken als een houdstermaatschappij in de zin van art. 20 vierde lid Wet Vpb. De rechtbank verwijst hierbij naar de wetsgeschiedenis waarin is opgenomen dat er sprake is van een houdstermaatschappij als gedurende tenminste 90% van het jaar uitsluitend of nagenoeg uitsluitend deelnemingen worden gehouden of verbonden lichamen worden gefinancierd. De rechtbank overweegt hierbij dat het houden van de aandelen in A bv niet als een houdsteractiviteit moet worden aangemerkt voor de toepassing van de verliesverrekeningsbeperking, omdat A bv vanaf de datum van oprichting in een f.e. met belanghebbende is gevoegd. Aangezien belanghebbende in 2007 minder dan 90% als houdstermaatschappij heeft gefungeerd, heeft de inspecteur het verlies ten onrechte als houdsterverlies aangemerkt. De rechtbank vernietigt de beschikking vaststelling kwalificatie verlies 2007 als houdsterverlies.
Gerelateerde artikelen
Jaarverslag WBSO 2025: populariteit faciliteit groeit verder
In 2025 werd het record aan WBSO-projecten van € 8,7 miljard geëvenaard. Dat staat in het jaarverslag dat minister Heleen Herbert (EZK) heeft gepubliceerd.
Jaarverslag MIA/Vamil 2025: ruim € 3 miljard aan milieu-investeringen
Bedrijven maakten in 2025 voor ruim € 3 miljard aan milieu-investeringen gebruik van het belastingvoordeel van de Milieu-investeringsaftrek (MIA) en Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). Dit blijkt uit het jaarverslag 2025 van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), de uitvoerder van de regelingen.
Energie-investeringsaftrek populair bij batterijen
Nederlandse bedrijven hebben vorig jaar meer gebruik gemaakt van de fiscale aftrekregeling voor de aanschaf van energiebesparende middelen. Dat meldt de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Met belastingvoordeel via de Energie-investeringsaftrek (EIA) werd vooral meer geïnvesteerd in batterijen voor de opslag van energie.