De Staatssecretaris van Financiën heeft het Besluit juridische fusie 2026 uitgebracht. Dit besluit vervangt het besluit van 12 augustus 2022 (V-N 2022/41.8) en bevat het beleidskader voor de toepassing van de fiscale faciliteit bij juridische fusies op grond van art. 14b Wet VPB 1969. De meeste wijzigingen zijn verduidelijkingen en actualisaties van bestaand beleid.

Belangrijkste wijziging is dat de eerdere tekstblokken voor de inspecteur zijn vervallen en in de hoofdtekst zijn geïntegreerd, zonder beoogde inhoudelijke wijziging. Verder wordt verduidelijkt dat een beschikking op grond van art. 14b lid 3 Wet VPB 1969 geen zekerheid biedt over de antimisbruiktoets. Belastingplichtigen die zekerheid willen over de vraag of een fusie niet is gericht op belastingontgaan of belastinguitstel, moeten daarvoor een afzonderlijk verzoek indienen. Daarnaast zijn nieuwe standaardvoorwaarden opgenomen voor de samenloop met de regeling functionele valuta en voor de beperkte aftrek van verlengstukwinst. Ook is de goedkeuring uitgebreid waardoor bij een geruisloze juridische fusie niet alleen verliesverrekeningsrechten, maar ook de aanspraak op voorwaartse toerekening van een negatief bedrag aan winst (art. 20a Wet VPB 1969) kan overgaan op de verkrijgende rechtspersoon. Verder verduidelijkt het besluit dat een te laat ingediend verzoek om toepassing van de fusiefaciliteit niet meer kan worden gehonoreerd zodra een aanslag die uitgaat van een belaste fusie onherroepelijk vaststaat.

Het besluit treedt in werking op 19 augustus 2026. Het besluit uit 2022 is per die datum ingetrokken.

Wetingang:

Wet op de vennootschapsbelasting 1969 artikel 14B

[Nieuwsbron]

Rubriek: Vennootschapsbelasting

Regelgevende instantie: Ministerie van Financiën

Editie: 19 augustus

Informatiesoort: VN Vandaag

14

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen