X BV exploiteert een internationale groothandel in (glutenvrije) voedingsmiddelen en aanverwante artikelen, zoals biologische bieren. Bij een controle is vastgesteld dat geen verbruiksbelasting en accijns is betaald voor goederen die zijn ontvangen van leveranciers uit andere EU-lidstaten. Aan X BV zijn naheffingsaanslagen accijns en verbruiksbelasting opgelegd, alsmede de verzuimboeten. Volgens X BV zijn de door haar verkochte glutenvrije dranken medicinale dranken en is ten aanzien van de bieraccijns geen rekening gehouden met het verlaagde accijnstarief voor kleine bierbrouwerijen.
Rechtbank Den Haag oordeelt dat glutenvrije dranken niet kunnen worden aangemerkt als medicinale dranken in de zin van de Wet op de verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken. Een medicijn dient een werkzame stof te bevatten om ziektes te genezen of klachten te verminderen. Glutenvrije dranken bevatten geen werkzame stof als bedoeld in de Geneesmiddelenwet. Er is dus terecht verbruiksbelasting nageheven. Ook de naheffingen bieraccijns blijven in stand. Van drie leveranciers heeft X BV verklaringen overgelegd waaruit volgt dat zij kleine bierbrouwers zijn. Bij de naheffing is terecht slechts in zoverre het verlaagde accijnstarief toegepast. De verzuimboeten worden vernietigd, omdat hiervan geen kennisgevingen aan X BV zijn verzonden.
Wetingang:
Wet op de verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken artikel 9
Instantie: Rechtbank Den Haag
Rubriek: Accijns en verbruiksbelastingen, Fiscaal bestuurs(proces)recht
Editie: 5 oktober
Informatiesoort: VN Vandaag