X is eigenaar van een vrijstaande woning met een woonoppervlakte van 194 m² op een perceel van 420 m². De meerderjarige, zorgbehoevende dochter van X huurt een deel van de woning (80 m²) met een eigen voordeur en aangepaste voorzieningen. De toegang tot de overige delen van de woning loopt via een deuropening met een elektrisch rolluik dat aan beide zijden met een afstandsbediening te openen en te sluiten is zolang de stekker in het stopcontact zit. In geschil is of het woondeel van de dochter voldoet aan het afsluitbaarheidsvereiste van art. 16 onderdeel c Wet WOZ.
Hof Amsterdam oordeelt dat bij normaal gebruik van het elektrisch rolluik, met de stekker in het stopcontact, geen sprake is van afsluiting van het woondeel van de dochter. X en de dochter kunnen het rolluik vanaf beide zijden openen met een afstandsbediening en voldoen daarmee niet aan het afsluitbaarheidsvereiste van art.16 onderdeel c Wet WOZ. De woning vormt één WOZ-object. De heffingsambtenaar maakt voorts aannemelijk dat de WOZ-waarde niet te hoog is. Het hof bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
Wetingang:
Wet waardering onroerende zaken artikel 22
Wet waardering onroerende zaken artikel 16
Wet waardering onroerende zaken artikel 17
Instantie: Hof Amsterdam
Rubriek: Waardering onroerende zaken
Editie: 5 oktober
Informatiesoort: VN Vandaag