Omdat X de aan hem opgelegde naheffingsaanslag parkeerbelasting niet betaalt, maant de invorderingsambtenaar hem daartoe aan. Hierbij wordt € 9 aan aanmaningskosten in rekening gebracht. Alhoewel X zich heeft aangemeld voor de berichtenbox MijnOverheid en de notificatiefunctie heeft ingeschakeld, stelt hij met betrekking tot de naheffingsaanslag geen notificatie te hebben ontvangen. Uit het door de invorderingsambtenaar ingestelde onderzoek wordt niet duidelijk naar welk e-mailadres van X de notificatie is verzonden. Een e-mailadres wordt namelijk niet verstrekt in verband met de privacywetgeving. X is het niet eens met de in rekening gebrachte aanmaningskosten.
Hof Amsterdam oordeelt dat ten onrechte aanmaningskosten aan X in rekening zijn gebracht in verband met het niet-betalen van de naheffingsaanslag parkeerbelasting. Nu niet duidelijk is naar welk e-mailadres de notificatie over de naheffingsaanslag is gestuurd, kan niet met voldoende mate van zekerheid worden vastgesteld dat de notificatie daadwerkelijk is verzonden naar het door X opgegeven e-mailadres. Het hof merkt verder nog op dat de in art. 2:11 lid 2 Awb verwoorde waarborgen hieraan niet afdoen omdat deze bepaling pas in werking is getreden op 1 januari 2026 en dus nog niet van kracht was bij de verzending van de notificatie. Het hof vernietigt de beschikking aanmaningskosten.
Wetingang:
Algemene wet bestuursrecht artikel 2.7
Algemene wet bestuursrecht artikel 2.10
Instantie: Hof Amsterdam
Rubriek: Invordering, Belastingen van lagere overheden, Fiscaal bestuurs(proces)recht
Editie: 19 augustus
Informatiesoort: VN Vandaag