Dit jaar is het vijftig jaar geleden dat Kees van Raad onderwijs is gaan geven in het internationale belastingrecht. Op het symposium ter gelegenheid van dit jubileum werden over uiteenlopende onderwerpen van het internationale belastingrecht korte inleidingen gehouden door oud-docenten van het ITC. Het werd al snel duidelijk dat Van Raad grote impact heeft gemaakt op het ‘internationale’ onderwijs en de totstandkoming van literatuur op zijn vakgebied.

Op vrijdag 28 augustus 2026 vond in Leiden het genoemde symposium plaats, georganiseerd door de afdeling Belastingrecht van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden. Het symposium werd gehouden ter ere van het feit dat professor C. (Kees) van Raad vijftig jaar werkzaam is in het internationaal belastingrechtonderwijs. Ook was het symposium onderdeel van een tweedaagse lustrumbijeenkomst van alumni van het International Tax Centre; een instituut wat Van Raad in 1998 heeft opgericht. Op het symposium werden door oud-docenten van het ITC korte inleidingen gehouden over voor het internationaal belastingrecht relevante onderwerpen.

Van Raad doceerde aanvankelijk aan het toenmalige NIVRA (Nederlands Instituut van Registereaccountants) en de (eveneens toenmalige) Nederlandse Federatie van Belastingadviseurs (NFB). Vanaf 1978 doceerde hij ook aan zijn Leidse Alma Mater en werd in 1986 benoemd op de nieuwe leerstoel Internationaal Belastingrecht.

Het symposium vond plaats in de Cleveringazaal op het Kamerlingh Onnes Gebouw, het gebouw dat Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden haar huis en haard mag noemen. Dat het nodig was om deze – voor Leidse begrippen – grote collegezaal te boeken, bleek wel toen de gasten zich eenmaal naar binnen snelde om aan de oprukkende regen te ontsnappen: vrijwel de gehele zaal zat vol. Hoogleraren, collega’s, alumni van het ITC, vrienden, familie en andere belangstellenden: het was lastig om een goede plek te veroveren.

Vijftig jaar onderwijs op tachtigjarige leeftijd

Toen iedereen eenmaal gezeteld was, werd de bijeenkomst – om stipt 13:00 – geopend door Johann Hattingh, professor aan de University of Cape Town. Al snel werd duidelijk dat de gehele bijeenkomst in het Engels gehouden zou worden, hetgeen voor het ITC-onderwijs gebruikelijk is en daarom voor de aanwezigen geen enkel probleem vormde.

 

Hattingh opent de bijeenkomst

 

Hattingh heette allereerst alle aanwezigen van harte welkom. Een korte introductie over de dag en over Van Raad volgde; over het feit dat hij al vijftig jaar werkzaam is, over zijn zeer vreugdevolle ontmoeting met Van Raad en over het feit dat de emeritus professor zich – op zijn tachtigste levensjaar – nog steeds actief bezighoudt met het onderwijs. Vervolgens werd het programma geïntroduceerd door de dagvoorzitter, die bestond uit vijf korte lezingen, een aantal toespraken die te categoriseren zijn als lofzang, en een eindwoord door Hattingh zelf.

Belastingverdragen en de Engelse rechtsorde

Het spits van het inhoudelijke programma werd afgebeten door Malcolm Gammie, Tax Barrister en voormalig belastingrechter in het VK. Ook hij begon met het prijzen van Van Raad – die aan de andere kant van de estrade meegenoot van de bijeenkomst – voor zijn belangrijke bijdragen aan het onderwijs.

Gammie – als zeer ervaren internationaal belastingrechtspecialist – besprak in uitgebreid detail welke rol belastingverdragen spelen in het Verenigd Koninkrijk, hoe deze werden toegepast en op welke wijze belastingverdragen doorwerken in de Engelse rechtsorde. Zo werden de dualistische opvatting van het VK, de Taxation (International and Other Provisions) Act 2010, kortweg TIOPA, de doorwerking van OESO-modelverdragen en de MTC Commentary uitgebreid besproken en behandeld.

 

Gammie aan het woord

 

Online en fysiek

Niet alle sprekers waren fysiek aanwezig bij het evenement. Een videobelverbinding is niet ongebruikelijk gelet op het internationale karakter van de aanwezigen, de alumni van het ITC en de sprekers.

Zo ook sprak Wei Cui (British University of Columbia) op het symposium via een videobelverbinding, die groot in de collegezaal was geprojecteerd. Nadat de spreker zijn verkeerde scherm had gedeeld, waar allerlei door het publiek zeer gewaardeerde (getuige de lachsalvo’s in de zaal) familieplannen op stonden, sprak ook hij Kees kort toe, loofde hem en bedankte hem voor zijn ‘guidance’.

Cui nam de zaal daarna mee in zijn huidige onderzoek, wat zich voornamelijk focuste op beleid en belastingverdragen in een historische context. Met name ging het onderzoek over de vraag welke rol oude, soms nog onder door de Volkenbond gesloten, verdragen in de huidige tijd hebben. Hierbij lag de focus voornamelijk op de vraag wat de legitimiteit is van oude verdragen, welke beweegredenen er waren om verdragen te sluiten (zoals coöperatie tussen landen of het voorkomen van dubbele heffing) en hoe en of verdragsnormen het verdragsmakingsproces in latere tijd hebben beïnvloed.

Ook John F. Avery Jones van de London School of Economics sloot aan via een videobelverbinding. Avery Jones stak van wal over de PPT (Principal Purpose Test) en haar plaats in het recht van het Engeland (en Ierland). Zo passeerden onder meer de Burlington-case, een subjectieve of objectieve benadering en de bewijslast de revue.

Mutual agreement

Vervolgens was het woord weer aan Hattingh, die, vanwege zijn positie als dagvoorzitter, ditmaal werd geïntroduceerd door Van Raad zelf.

Hattingh begon zijn verhaal over zijn tijd bij het ITC in 2001-2002. Daarna leidde Hattingh zijn lezing in met de titel “Henry VIII Clauses or Benign Consultations? Mutual agreements under Article 25 (3) [OESO-modelverdrag, red.] & the Separations of Power”. Hierbij kwamen allerlei verschillende aspecten aan bod die raken aan art. 25 lid 3 OESO-modelverdrag, zoals haar geschiedenis, de rol van literatuur en zogeheten ‘leading authors’ op de uitleg van verdragsbepalingen en de impact van mutual agreements op transfer pricing. Dit alles tegen de achtergrond van de scheiding (of spreiding) der machten. Volgens Hattingh is een puur technische exercitie niet bevorderlijk voor deze scheiding en kan het anti-constitutioneel werken. Het is een zaak die volgens Hattingh overigens al lang geleden door Van Raad zelf is aangekaart.

 

De lezing van Hattingh. Links luistert Van Raad aandacht

 

‘50 jaar is een flinke prestatie’

Een vertegenwoordiging van de afdeling Belastingrecht van de Leidse Universiteit kon ook niet ontbreken. Reden waarom Jan van de Streek, voorzitter van de afdeling Belastingrecht Universiteit Leiden en hoogleraar aldaar, de voorzitter van het ITC ook nog kort toesprak.

In de toespraak nam de Van de Streek de aanwezigen mee in een historische reis langs de loopbaan van Van Raad. Zo wordt het publiek eraan herinnerd dat hij een grote rol heeft gehad in de totstandkoming van de eerste IBR-literatuur in Nederland en de impact die zijn oeuvre heeft gehad op het Nederlandse IBR-onderwijs. Ook nu is Van Raad nog ‘involved’, zoals Van de Streek het zei, zoals bij het tot stand brengen van curricula die aan het internationaal belastingrecht raken.

Als dank voor zijn inzet, gaf – nadat Van de Streek eerder een deel van het geschenk, te weten een fles wijn, had laten vallen – de hoogleraar aan Van Raad een ingelijste afbeelding van de Leidse Universiteit.

 

Van Raad neemt het geschenk in ontvangst. Rechts Jan van de Streek

 

Liefhebber van Romeins recht

Ook Renata Fontana, alumna van het ITC, en Tanja Bender, professor emerita van de Leidse Universiteit, kregen de mogelijkheid om zich te wenden tot Van Raad met persoonlijke verhalen en dankwoorden. Zo beschreef Fontana de belangrijke rol die het ITC en Van Raad in haar professionele leven hebben gespeeld en maakte Bender aan het publiek duidelijk dat onder meer de ‘advanced LLM’s’ uit de koker van Van Raad komen. Ook heeft Bender de eer om aan Van Raad het voor hem gerealiseerde Liber Amicorum uit te delen, getiteld ‘Decem Lustra’ (tien lustra). Het omvangrijke werk is gevuld met zowel academische teksten als persoonlijke anekdotes. De titel is zorgvuldig gekozen; Bender maakt duidelijk dat Van Raad al sinds het begin van zijn juridische carrière een grote voorliefde heeft gekoesterd voor het Romeinse recht.

 

Bender overhandigt het Liber Amicorum

 

Hondenbelasting

Aan het einde van de bijeenkomst nam Van Raad zelf het woord. In zijn – op een zwanenzang lijkende – redevoering zette hij uitgebreid uiteen hoe zijn levenswandel door de tijd verliep. Over de tochten die hij maakte naar de Verenigde Staten voor onder meer zijn promotieonderzoek. Over zijn passie voor zeer veel fiscale onderwerpen. En zijn rol in het onderwijs voor de opleiding Fiscaal Recht in Leiden.

Zo was Van Raad onderdeel van de eerste lichting studenten (1964) die fiscaal recht in Leiden studeerden en konden studeren. Daarbij merkte hij op hoe bijzonder het was om college te krijgen van figuren zoals Henk Hofstra, die ook wel de Hercules onder de Nederlandse fiscalisten werd genoemd. De wijze van doceren was heel anders. Zo beschrijft Van Raad waarom er uitgebreid werd gedoceerd over de hondenbelasting en de reden waarom: het leren doorgronden van de dogmatiek, het stelsel der wet en de plaats van de desbetreffende wet- en regelgeving.

Eenmaal aan het einde van zijn speech gekomen, sprak hij nog kort over de afgelopen jaren en de toekomst. Van Raad vermeldde daarbij dat hij zich realiseert hoe gelukkig hij is en hoeveel geluk hij heeft gehad gedurende zijn gehele levensloop: van de wieg tot aan nu.

Bron: Verslaggever: Frank van der Salm. Foto's: Chieljon Tornij

Informatiesoort: Nieuws

Rubriek: Internationaal belastingrecht

Focus: Focus

21

Gerelateerde artikelen