Hof Amsterdam oordeelt dat naast art. 69 Wet IB 1964 ook art. 75 Wet IB 1964 van toepassing is op de afgekochte lijfrente-uitkeringen. Vervolgens oordeelt het hof dat op grond van art. 75 Wet IB 1964 art. 69 Wet IB 1964 van toepassing is, maar dan wel in de versie van 31 december 1991. Dit leidt er volgens het hof toe dat de uitkeringen niet op grond van art. 69 Wet IB 1964 bij belanghebbende kunnen worden belast. Vervolgens stelt het hof vast dat de uitkeringen op grond van art. 75 Wet IB 1964 juncto art. 5 Wet IB 1964 (in de tekst die op 31 december 1991 voor deze bepaling gold) wel bij belanghebbende in aanmerking moeten worden genomen. Op grond van deze bepaling behoren de uitkeringen namelijk niet tot het persoonlijke arbeidinkomen, maar moeten ze bij belanghebbende in aanmerking worden genomen omdat hij het hoogste persoonlijke arbeidsinkomen heeft. Het gelijk is aan de inspecteur.
Gerelateerde artikelen
Vijlbrief: hogere belasting op vermogens ipv bezuinigingen sociale zekerheid
Als het kabinet de geplande miljardenbezuinigingen op sociale zekerheid niet rondkrijgt, ligt wat betreft D66-minister Hans Vijlbrief de optie op tafel om de belasting op vermogens te verhogen. De minister van Sociale Zaken vindt dat dit geen taboe mag zijn, zegt hij in een interview met het FD. Zelf voelt Vijlbrief er weinig voor om te snijden in andere plannen, zoals gratis kinderopvang. Vrijdag zei premier Rob Jetten dat zijn minister van Sociale Zaken niet te ver is gegaan door te suggereren dat de vermogensbelasting wel omhoog kan.
Soepeler regels voor kamerverhuur
Hospita's mogen tijdelijke huurcontracten van maximaal vijf jaar aanbieden, met een proefperiode van negen maanden. Dat staat in een wetsvoorstel dat woonminister Elanor Boekholt-O'Sullivan dinsdag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Ze wil mensen aanmoedigen om huurders in huis te nemen.
Achterhoedegevechten in de nieuwe box 3
Om mij onbegrijpelijke redenen verschijnen er de laatste tijd steeds meer box 3-publicaties over, wat ik noem, een achterhoedegevecht.