Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat de stelling van X dat hij geen aanvraag omgevingsvergunning had hoeven indienen, in de procedure tegen het handhavingsbesluit naar voren had moeten worden gebracht en niet in de procedure over de leges. Nu X heeft berust in de uitkomst van de bezwaarprocedure tegen het handhavingsbesluit, stuit deze klacht af op de formele rechtskracht van dat besluit.

Belanghebbende, X, vraagt een legaliserende omgevingsvergunning aan voor een woonwagen nadat hem eerder een last onder dwangsom was opgelegd wegens het zonder vergunning plaatsen van hiervan (het handhavingsbesluit). In geschil is de daaropvolgende legesaanslag van € 5983 die door de heffingsambtenaar van de gemeente is opgelegd.

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat de stelling van X dat hij geen aanvraag omgevingsvergunning had hoeven indienen, in de procedure tegen het handhavingsbesluit naar voren had moeten worden gebracht en niet in de procedure over de leges. Nu X heeft berust in de uitkomst van de bezwaarprocedure tegen het handhavingsbesluit, stuit deze klacht af op de formele rechtskracht van dat besluit. Het hof oordeelt verder dat de leges terecht zijn geheven, omdat het belastbare feit zich heeft voorgedaan door het in behandeling nemen van de aanvraag. De legesheffing is niet onredelijk of onbillijk en van schending van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur is geen sprake. De heffingsambtenaar mocht bij de berekening van de leges uitgaan van de bouwkosten volgens de bij de tarieventabel behorende referentielijst, aangezien X zijn lagere bouwkosten niet heeft onderbouwd. Het hoger beroep van X is ongegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Gemeentewet artikel 229

Instantie: Hof 's-Hertogenbosch

Rubriek: Belastingen van lagere overheden

Editie: 14 mei

Informatiesoort: VN Vandaag

3

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen