Het Gerecht oordeelt dat ook de BTW over de kosten voor de aanleg van een internetverbinding in aanmerking komt voor steun uit het EFRO. Volgens het Gerecht drukt de BTW-last namelijk op het Ministerie van Economische Ontwikkeling. Het besluit van de EC wordt nietig verklaard.

Italië subsidieert de aanleg van internetverbinding in dunbevolkte gebieden en in openbare gebouwen. Hiervoor zijn ook bijdragen aan Italië toegekend uit het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling. Volgens Italië komt ook de BTW over de kosten voor de aanleg in aanmerking voor steun uit het EFRO. Italië wijst er daarbij op dat het Ministerie van Economische Ontwikkeling de BTW afdraagt zonder dat het deze BTW op grond van de Italiaanse BTW-wetgeving kan terugvorderen, omdat dat ministerie niet BTW-plichtig is en dus de BTW niet in aftrek kan brengen. De Europese Commissie is echter van mening dat de BTW-uitgaven niet in aanmerking komen voor financiering in het kader van het EFRO. De EC verzoekt Italië dan ook om het BTW-bedrag te schrappen uit de totale subsidiabele kosten van het project. Italië dient een verzoek in tot nietigverklaring van het besluit van de EC.

Het Gerecht oordeelt dat ook de BTW over de kosten voor de aanleg van een internetverbinding in aanmerking komt voor steun uit het EFRO. Volgens het Gerecht drukt de BTW-last namelijk op het Ministerie van Economische Ontwikkeling. Het besluit van de EC wordt nietig verklaard.

[Bron Uitspraak]

[Nieuwsbron]

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Europees belastingrecht

Instantie: Hof van Justitie van de Europese Unie

2

Gerelateerde artikelen