Rechtbank Arnhem oordeelt dat de wetgever bij het maken van het onderscheid tussen privé- en ondernemingsvermogen een gerechtvaardigd doel voor ogen heeft gehad en zijn ruime beoordelingsruimte dus niet heeft overschreden.

De heer X (belanghebbende) is één van de drie erfgenamen van zijn in 2009 overleden vader. X is erfgenaam voor een/derde deel van de nalatenschap. Tot deze nalatenschap behoort geen ondernemingsvermogen. X stelt echter met een beroep op het gelijkheidsbeginsel dat hij toch in aanmerking komt voor de bedrijfsopvolgingsregeling van de Wet SW 1956. Hiertoe verwijst X naar een uitspraak van de Rechtbank Breda (13 juli 2012, nr. 11/5509), waarin is geoordeeld dat de (voorwaardelijke) vrijstelling van de bedrijfsopvolgingsregeling ook op de verkrijging van het privévermogen moet worden toegepast. Rechtbank Arnhem oordeelt dat de wetgever bij het maken van het onderscheid tussen privé- en ondernemingsvermogen een gerechtvaardigd doel voor ogen heeft gehad en zijn ruime beoordelingsruimte dus niet heeft overschreden. De bedrijfsopvolgingsregeling heeft namelijk tot doel te voorkomen dat ondernemingen door de heffing van schenkings- of successierecht in liquiditeitsproblemen komen. X loopt met zijn erfrechtelijke verkrijging en met de betaling van het successierecht niet dezelfde bestaansrisico's. Met betrekking tot de stelling van X dat sprake is van strijd met het Eerste Protocol bij het EVRM, wordt overwogen dat de wetgever bij het bepalen van de hoogte van belastingtarieven een ruime beoordelingsvrijheid toekomt. De maximale heffing van 27% in tariefgroep I leidt niet tot een excessieve last. Het beroep van X is ook voor het overige ongegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten 26

Europees verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden [Vertaling] 14

Successiewet 1956 35c

Successiewet 1956 35b

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Bronbelasting, Europees belastingrecht, Schenk- en erfbelasting

Instantie: Rechtbank Oost-Nederland

Editie: 13 maart

11

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen