Het beroep van X tegen een uitspraak op bezwaar van de inspecteur wordt door Rechtbank Zeeland-West-Brabant niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet is betaald. X is het hier niet mee eens en gaat in verzet. Zij stelt daarbij dat zij de aangetekende betalingsherinnering van 30 augustus 2024 niet heeft ontvangen en dat de handtekening niet van haar is.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat X ten onrechte niet-ontvankelijk is verklaard in haar beroep. Volgens de rechtbank kan namelijk redelijkerwijs niet worden geoordeeld dat X in verzuim is geweest. Daarbij acht de rechtbank van belang dat op de Track & Trace-documenten twee verschillende handtekeningen zijn gezet. De uitspraak vervalt en het onderzoek van de zaak door de rechtbank wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond. Wel moet X nog het griffierecht betalen.
Wetingang:
Algemene wet bestuursrecht artikel 8.41
Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht
Editie: 19 mei
Informatiesoort: VN Vandaag