Belastingplichtigen die niet op tijd bezwaar hebben gemaakt tegen de onwettige box 3-heffing, hebben geen recht op teruggave. Dat heeft de Hoge Raad donderdag geoordeeld. De hoogste rechter volgt het advies van de advocaat-generaal, die eerder ook stelde dat niet iedereen gecompenseerd hoeft te worden voor de onwettige vermogensrendementsheffing over de jaren 2017-2020.
Het oordeel van de Hoge Raad is van belang voor alle andere niet-bezwaarmakers die met een beroep op het zogeheten Kerstarrest uit 2021 hebben verzocht om vermindering van hun aanslagen. Toen oordeelde de hoogste rechter dat het in 2017 ingevoerde stelsel van box 3 in strijd was met het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens.
Mensen die op tijd bezwaar hadden gemaakt tegen de aanslagen hadden recht op een vermindering, als de box 3-heffing in de aanslag was berekend over een fictief rendement dat hoger was dan het werkelijke rendement. Ook mensen die dat niet hadden gedaan, wilden geld zien. Daarop kwamen vier zaken bij de Hoge Raad te liggen. Twee daarvan zijn nu beoordeeld.
Die zaken draaiden om de mogelijkheid van een inspecteur van de Belastingdienst om een al afgeronde belastingaangifte nog te verminderen. Een belastingaanslag kan worden verminderd als deze op een te hoog bedrag is vastgesteld, maar er is een uitzondering. Dat is namelijk als de onjuistheid voortvloeit uit uitspraken van een rechter die gedaan zijn nadat de belastingaanslag vast is komen te staan.
Dat is bijvoorbeeld het geval bij het Kerstarrest. De belastingplichtigen kunnen daarom geen beroep doen op dit arrest, stelt de Hoge Raad. De rechter realiseert zich dat de uitspraak "teleurstellend" is voor de betreffende belastingplichtigen, benadrukt hij.
De klagers vonden bovendien dat zij gelijk behandeld moesten worden met degenen die wel op tijd bezwaar hebben gemaakt. Volgens de Hoge Raad zijn de niet-bezwaarmakers echter niet in dezelfde positie als de mensen die dit wel op tijd deden. "Van gelijke gevallen is dus geen sprake", stelt de rechter.
De compensatie voor mensen die wel op tijd bezwaar hebben gemaakt tegen de vermogensrendementsheffing, de spaartaks in de volksmond, is een miljardenklus. De groep niet-bezwaarmakers die nu compensatie misloopt, zou volgens eerdere schattingen uit ruim 1 miljoen mensen kunnen bestaan.
Bron: Hoge Raad