De NOB heeft in haar reactie op de internetconsultatie Regeling wijziging loonbelasting (V-N 2026/17.7) aandacht gevraagd voor een zorgvuldige, systematische en transparante inpassing van de voorgestelde wijzigingen in het bestaande stelsel van de loonbelasting en aanpalende regelgeving.
De NOB benadrukt dat de loonbelasting in beginsel fungeert als voorheffing op de inkomstenbelasting, waarbij de heffing bij de werknemer plaatsvindt en het draagkrachtbeginsel centraal staat. De voorgestelde aanwijzing van de eenmalige vergoeding correctie dagloon WIA als eindheffingsbestanddeel vormt een afwijking van deze hoofdregel. De NOB verzoekt om in de toelichting expliciet inzicht te geven in de afweging die aan deze keuze ten grondslag ligt en in de reden waarom de gevolgen van eindheffing voor de fiscale en sociale‑zekerheidsgrondslagen van de werknemer aanvaardbaar worden geacht.
Art. 31 Wet LB 1964
Verder wijst de NOB op de afbakening binnen art. 31, lid 1, Wet LB 1964. De voorgestelde afbakening regeling sluit aan bij onderdeel c (uitkeringen van publiekrechtelijke aard), terwijl de NOB vragen stelt bij de keuze om de regeling niet onder onderdeel b (tijdelijke knelpunten van ernstige aard) te brengen. De NOB verzoekt om nadere toelichting op de criteria die bepalend zijn geweest voor deze kwalificatie en op de wijze waarop deze keuze zich verhoudt tot de wetsgeschiedenis en de systematiek van art. 31 Wet LB 1964, temeer nu de vergoedingen hun oorsprong vinden in correcties van fouten door een publiekrechtelijk orgaan.
Ook vraagt de NOB aandacht voor de mogelijke sectorafhankelijkheid bij toepassing van eindheffing. Indien voor vergelijkbare correcties in de marktsector geen eindheffingsmogelijkheid bestaat, acht de NOB het noodzakelijk dat in de toelichting expliciet wordt ingegaan op de rechtvaardiging van dit onderscheid. Juist gezien het uitzonderingskarakter van eindheffing en de brede gevolgen daarvan, is een consistente en goed gemotiveerde afbakening van groot belang.
Aanpassen samenvoegbepaling
De NOB stelt onder meer dat de huidige praktijk rond de samenvoegbepaling van loon en uitkeringen niet meer houdbaar is na recente jurisprudentie van de Hoge Raad (V-N 2024/51.7). Het niet langer kunnen samenvoegen in één tabel kan voor werknemers nadelige gevolgen hebben, met name voor de arbeidskorting. De NOB vraagt om duidelijke en concrete voorlichting aan werknemers over de wijziging en de gevolgen daarvan.
Regeling loonbelasting- en premietabellen 1990
Tot slot spreekt de NOB waardering uit voor de voorgestelde verduidelijking van de Regeling loonbelasting en premietabellen 1990, omdat deze bijdraagt aan een betere aansluiting bij de Wet LB 1964 en aan het voorkomen van onnodige complexiteit en interpretatieverschillen. In dat verband heeft de NOB tevens gewezen op het belang van consistente terminologie binnen de loonbelastingwetgeving.
Bron: NOB
Informatiesoort: Nieuws
Rubriek: Loonbelasting