Een werkgever kan de gerichte vrijstelling voor studiekosten van art. 31 lid 1 onderdeel g onder 2º Wet LB 1964 niet toepassen op een studietoelage betaald aan de kinderen van werknemers. Dit volgt uit een standpunt van de Kennisgroep loonheffing algemeen.

De studietoelage die de werkgever betaalt aan de kinderen van werknemers bestaat uit een jaarlijkse toelage voor collegegeld en een maandelijkse toelage voor studiekosten. De gerichte vrijstelling voor studiekosten is niet van toepassing in deze situatie omdat er geen sprake is van vroegere arbeid door het kind. Daarnaast is art. 31 lid 1 onderdeel g onder 2º Wet LB 1964 volgens de wetsgeschiedenis niet bedoeld voor scholingskosten van kinderen van werknemers.

Wetingang:

Wet op de loonbelasting 1964 artikel 31

[Nieuwsbron]

Rubriek: Loonbelasting

Regelgevende instantie: Belastingdienst

Editie: 24 juli

Informatiesoort: VN Vandaag

12

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen