Eigenaars van elektrische auto's betalen twee keer btw als zij deze opladen via stroom van hun vereniging van eigenaren (VvE). Dit vindt Vereniging Eigen Huis (VEH) niet kunnen en daarom heeft de belangenvereniging staatssecretaris Eelco Eerenberg (Financiën) gevraagd om een oplossing. VEH denkt dan aan een uitzondering of coulanceregeling, omdat bestaande oplossingen "praktisch niet uitvoerbaar" zijn.
De Kennisgroep overdrachtsbelasting stelt dat de samenloopvrijstelling niet van toepassing is bij de verkrijging van aandelen in een onroerendezaakrechtspersoon (OZR) die geen BTW-ondernemer is. De doorkijkbenadering (HR 10 juni 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ7580) is niet van toepassing.
Een schoonheidsspecialiste, die behandelingen verricht zoals laserontharing, acnétherapie en permanente make-up, kan alleen onder voorwaarden een beroep doen op de medische BTW-vrijstelling. Doorslaggevend is of het therapeutische doel van de behandeling objectief kan worden aangetoond door een medische beroepsbeoefenaar. Dat staat in een standpunt van de Kennisgroep omzetbelasting.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat X niet voldoet aan de op hem rustende bewijslast. X maakt niet concreet welke bedragen op de facturen of kassabonnen betrekking hebben op belaste prestaties.
Hof 's-Hertogenbosch oordeelt dat de inspecteur de contante stortingen terecht tot de omzet heeft gerekend. X toont niet overtuigend aan dat en in hoeverre de door de inspecteur vastgestelde correcties onjuist zijn.
Hof Den Haag oordeelt dat Y geen BTW-ondernemer is en dat de samenloopvrijstelling niet van toepassing kan zijn. Het hof merkt daarbij op dat X BV in de onderhavige procedure, die handelt over de overdrachtsbelasting, de vraag of Y als BTW ondernemer is aan te merken niet aan de orde kan stellen.
Het Hof van Justitie oordeelt dat het in strijd is met het EU-recht dat QJ, als aansprakelijk gestelde bestuurder voor de door de vennootschap VN onbetaald gelaten BTW-schuld, niet in eigen naam tegen de aan VN opgelegde BTW-aanslagen kan ageren.
De Staatssecretaris van Financiën beëindigt per 1 januari 2027 de werking van de goedkeuring waarbij de motorrijtuigenbelasting (MRB) die door de lessor als houder aan de lessee wordt doorberekend, voor de BTW-heffing als een quasi-doorlopende post kan worden behandeld.
Het Gerecht oordeelt dat het begrip ‘als verwarmingsbrandstof’ in art. 2 lid 4 onderdeel b eerste streepje EG-richtlijn 2003/96 het gebruik van propaan bij het testen van een brander onder reële omstandigheden met het oog op het verkrijgen van meetgegevens omvat.
Het Gerecht oordeelt dat het in strijd met het EU-recht is dat Denemarken een belang van 100% eist voor de vorming van een f.e. voor de BTW tussen personen die BTW-activiteiten verrichten en personen die BTW-vrijgestelde activiteiten verrichten.