Hof ’s-Hertogenbosch beslist dat de beroepen van X bv terecht wegens niet verschoonbare termijnoverschrijding niet-ontvankelijk zijn verklaard. Het hof verlengt de redelijke termijn periode met vijf jaar. Gevolg is dat X bv geen recht heeft op immateriële schadevergoeding.

Belanghebbende, X bv, maakt bezwaar tegen een aantal naheffingsaanslagen loonheffingen. De uitspraken op bezwaar van 1 april 2015 (ongegrond verklaard) stuurt de inspecteur naar het op de bezwaarschriften vermelde postadres van de gemachtigde van X bv. Nadat blijkt dat deze verhuisd is stuurt de Belastingdienst de uitspraken op 6 mei 2015 door naar het nieuwe postadres van de gemachtigde. X bv stelt bij fax van 28 oktober 2015 beroep in. De rechtbank verklaart de beroepen wegens niet verschoonbare termijnoverschrijding niet-ontvankelijk. X bv komt in hoger beroep.

Hof ’s-Hertogenbosch beslist dat de rechtbank de beroepen terecht wegens termijnoverschrijding niet-ontvankelijk heeft verklaard. X is er niet in geslaagd aannemelijk te maken dat de Belastingdienst tijdig, dat wil zeggen vóór de toezending van de uitspraken op bezwaar, over de adreswijziging van de gemachtigde is geïnformeerd. X bv heeft geen recht op immateriële schadevergoeding vanwege overschrijding van de redelijke termijn in de bezwaar- en beroepsfase. Vanwege de ingewikkeldheid en verknochtheid van het grote aantal in geschil zijnde zaken, wordt die termijn namelijk door het hof met vijf jaar verlengd. Van overschrijding van de redelijke termijn in hoger beroep is eveneens geen sprake. Het hoger beroep is ongegrond.

Lees ook het thema Bezwaar: het gesloten stelsel van rechtsbescherming

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden 6

Algemene wet bestuursrecht 6:11

Algemene wet bestuursrecht 6:7

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Bronbelasting

Instantie: Hof 's-Hertogenbosch

Editie: 5 maart

5

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen