De inspecteur legt belanghebbende, X, een (tweede) voorlopige aanslag IB/PVV 2010 op waarbij hij een gecombineerde heffingskorting van € 957 handhaaft. Hiertegen maakt X bezwaar. De inspecteur merkt dit als een verzoek om herziening van die voorlopige aanslag aan en wijst het (gedeeltelijk) af. Met name is in geschil of de afwijzing van het verzoek om herziening van de (tweede) voorlopige aanslag met een gedeeltelijke verrekening van de heffingskorting vanwege een lage verschuldigde inkomstenbelasting terecht is. Daarnaast is de vraag of de wettelijke regeling in het geval van X juist is toegepast. Hof Amsterdam oordeelt dat de inspecteur terecht het verzoek om herziening van de (tweede) voorlopige aanslag afwijst. De verschuldigde inkomstenbelasting is zodanig laag dat slechts een gedeeltelijke verrekening van de heffingskorting mogelijk is. De verdere bezwaren van X tegen de Wet IB 2001 behoren tot de taak van de wetgever. Het gelijk is aan de inspecteur.
Inhoudsopgave van deze editie
Gerelateerde artikelen
De Kennisgroep onroerende zaken heeft het standpunt KG:051:2024:12, V-N 2024/44.7, over de toerekening van de schuld ter betaling van de financieringskosten, aangevuld omdat het besluit van de Minister van Financiën van 26 augustus 2010, nr. DGB2010/3057M, V-N 2010/43.10 is vervallen. Daarnaast is het voorbeeld dat is opgenomen onder de conclusie verduidelijkt.
Jaarverslag WBSO 2025: populariteit faciliteit groeit verder
In 2025 werd het record aan WBSO-projecten van € 8,7 miljard geëvenaard. Dat staat in het jaarverslag dat minister Heleen Herbert (EZK) heeft gepubliceerd.
Hypotheekrenteaftrek onder druk
Het kabinet moet keuzes maken ten aanzien van de hypotheekrenteaftrek. Dat is de belangrijkste conclusie van het ambtelijk rapport ‘Onderzoek 30-jaarstermijn Hypotheekrenteaftrek’ dat vorige week naar de Tweede Kamer werd gestuurd.