Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat X de door haar gestelde verliezen uit de jaren 2010 - 2018 niet kan verrekenen. Deze verliezen zijn namelijk niet bij verliesvaststellingsbeschikking vastgesteld.

Na daartoe te zijn aangemaand in 2020, dient X pas in 2024 haar IB-aangifte 2019 in. Naast een negatief inkomen uit werk en woning van € 336, claimt zij € 150.000 aan te verrekenen verliezen. X stelt dat zij in de jaren 2010 - 2018 een verlies heeft geleden met haar handel in effecten door roekeloos handelen van de overheid. De inspecteur legt de aanslag op conform de door X ingediende aangifte. Het verlies uit werk en woning wordt vastgesteld op € 336. X stelt dat zij recht heeft op compensatie en dat zij net als belastingplichtigen in box 3 negatief behaalde resultaten in aanmerking moet kunnen nemen. Volgens X wordt haar de verliescompensatie alleen maar onthouden omdat zij een vrouw is.

Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat X de door haar gestelde verliezen uit de jaren 2010 - 2018 niet kan verrekenen. Deze verliezen zijn namelijk niet bij verliesvaststellingsbeschikking vastgesteld. Verder merkt de rechtbank nog op dat verrekening in 2019 ook niet mogelijk is aangezien er geen inkomen uit werk en woning tegenover staat. Het beroep van X op het gelijkheidsbeginsel wordt ook verworpen. In de wettelijke bepalingen over de verliesverrekening wordt namelijk geen onderscheid gemaakt tussen mannen en vrouwen. Ook is het de rechtbank niet gebleken dat verweerder ook maar op enig moment in zijn beoordeling heeft laten meewegen dat X een vrouw is. Voor het beroep op de gelijke behandeling met belastingplichtigen in box 3 wijst de rechtbank op de uitspraak inzake de procedure over de jaren 2016 en 2017 van X (Rechtbank Noord-Holland, 18 maart 2025, 24/754, ECLI:NL:RBNHO:2025:3549). Daarin oordeelde de rechtbank dat de situatie van X niet vergelijkbaar is met de situatie van belastingplichtigen die de heffing in box 3 ter discussie stellen. Het gelijk is aan de inspecteur.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.150

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.151

Instantie: Rechtbank Noord-Holland

Rubriek: Inkomstenbelasting, Fiscaal bestuurs(proces)recht

Editie: 21 augustus

Informatiesoort: VN Vandaag

11

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen