De invoering van de vrachtwagenheffing, die al jaren gepland was, vindt volgens Minister Karremans van Infrastructuur en Waterstaat plaats onder lastige omstandigheden, daarom zijn er maatregelen genomen om de lastenstijging voor de transportsector te drukken. Dit blijkt uit de reactie van de minister op vragen van het Kamerlid Heutink (Groep Markuszower).

Momenteel hebben tansportondernemers last van hoge energieprijzen door de energiecrises en ondervinden zij ook hinder van verwachte en onverwachte onderhoudswerkzaamheden aan bruggen en viaducten. Daarnaast heeft de sector ook te maken met hogere loonkosten en investeringen in cyberveiligheid. Als gevolg van de nieuwe heffing is in het voorbereidingstraject van de wet de beperkte stijging van de consumentenprijzen becijferd op 0,02%.

Vanwege de hogere brandstofprijzen is de vrachtheffing voor de periode 1 september 2026 tot en met 31 december 2026 verlaagd met 22,3%. Ook het tarief voor de motorrijtuigenbelasting voor vrachtwagens van 12 ton of meer is voor de periode juli tot en met december 2026 op nul gezet. Daarnaast wordt de accijnskorting op diesel verlengd en daarna in 2028 afgebouwd. Momenteel bedraag de accijns op diesel € 0,55 per liter in plaats van € 0,67 per liter zonder korting.

Het aantal transportbedrijven dat in de eerste helft van 2026 failliet is gegaan bedraagt 76. De jaren daarvoor betrof het de volgende aantallen: 44 in 2021, 34 in 2022, 55 in 2023, 98 in 2024 en 52 in 2025. Volgens het CBS zijn de aantallen voor 2021 en 2022 historisch laag.

[Nieuwsbron] [Nieuwsbron] [Nieuwsbron]

Rubriek: Belastingheffing van motorrijtuigen, Accijns en verbruiksbelastingen

Regelgevende instantie: Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Editie: 28 oktober

Informatiesoort: VN Vandaag

17

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen